1918, week 1 Liefdadigheid voor Belgen

Vanuit Nederland waren er gedurende de oorlog veel initiatieven om de getroffen zuiderburen te helpen. Niet alleen door opvang van vluchtelingen, maar ook door inzamelingen van geld en goederen. Toch werd er ook kritisch gekeken naar de besteding van de gelden. Met name het Comité Elisabethdag werd verweten dat een te klein deel van de opbrengsten ook daadwerkelijk bij de hulpbehoevenden zou terecht komen. 

Het officieele Belgische comiteit voor Nederland heeft de aandacht van den minister van binnenlandsche zaken er op gevestigd, dat de vrees gewettigd is, dat het comité Elisabethdag, dat bloemdagen in verschillende steden van Nederland heeft ingericht ten behoeve van de ontvangsten aan inrichtingskosten besteedt, zoodat slechts een gering gedeelte der opbrengsten ten goede komt aan de liefdadigheid.

Dit is wellicht ook met andere liefdadige ondernemingen het geval, en om de misbruiken op dat gebied zooveel mogelijk tegen te gaan, heeft dat comité een financieele contrôle ingericht, waaraan de menschlievende werken ten bate van België zich kunnen onderwerpen.
De voorwaarden, aan die contrôle gesteld, zijn er bijzonder op berekend, overdreven of misplaatste uitgaven bij liefdadige werken te weren, en te verhinderen, dat persoonlijke belangen onder den mantel der menschlievendheid zouden worden verborgen.

Vele Belgische comités hebben zich aan die contrôle onderworpen. Het comité Elisabethdag evenwel niet. Het bestaat overigens uit Nederlanders, en het ligt niet in de bedoeling van het Belgisch comiteit, aan Nederlandsche vereenigingen zijn tusschenkomst op te dringen. Maar door zijn organisatie is het vrij goed op de hoogte van de ware verdiensten van de meeste vereenigingen en werken in Nederland, welke zich met hulpverschaffing aan Belgen bezig houden, en misschien zou het comiteit van dienst kunnen zijn aan de gemeentelijke autoriteiten, die voor het houden van liefdadige collecten, enz. vergunning hebben te geven.

Op grond van het bovenstaande heeft de minister, door tusschenkomst van de comissarissen der Koningin, de aandacht van de besturen van de voornaamste gemeenten op dezen toestand doen vestigen en hun doen aanbevelen, om, waar het liefdadige ondernemingen van of voor Belgen betret, vooraf inlichtingen in te winnen bij het officieele Belgische comité.

Bron: Nieuwe Rotterdamsche Courant, 3 januari 1918
Bekijk de volledige krant op www.delpher.nl

overzicht: