1917, week 42 Mata Hari

Mata Hari (bron: www.wikipedia.nl)Op 15 oktober 1917 werd Margaretha Geertruida Zelle, beter bekend als de exotische danseres Mata Hari, in Frankrijk geëxecuteerd, op basis van beschuldiging van spionnage voor de Duitsers. Het Algemeen Handelsblad haalde de beschuldigingen aan, zoals die werden opgesomd in de Franse krant Le Matin. 

De „Matin” schrijft over Mata Hari: ‘Sedert het begin van den oorlog werd zij door Duitschland betaald. Gedurende bijna twee jaar volgde de Fransche politie haar, maar haar buitengewone behendigheid belette steeds, dat er voldoende bewijzen konden worden verzameld om haar aanhouding te wettigen. De beschuldigingen, welke uit het proces gebleken zijn, waren verpletterend. In weerwil van de clementie, waarvan Frankrijk steeds blijk geeft tegenover de vrouw, was het ‘onmogelijk Mata Hari niet te fusilleeren. Trouwens, zij was wel verplicht tegenover de aangevoerde bewijzen haar misdadige machinaties te bekennen.

Zij was niet een spion zonder meer, maar een centrum van spionnage. Zij verzamelde de inlichtingen, die haar gebracht  worden door talrijke agenten, van wie het meerendeel thans eveneens ontmaskerd is, en bracht ze langs geheimzinnige wegen over naar Berlijn. Later, als de thans nog geheime geschiedenis der Duitsche spionnage in Frankrijk gedurende den oorlog mag verteld worden, zal blijken, dat de figuur van deze „Hindoe-danseres” een der weerzinwekkendste was en dat haar tuchtiging alleszins rechtvaardig is geweest.’

Naar het Haagsche Correspondentiebureau verneemt heeft de Minister van Buitenlandsche Zaken, zoodra hij vernam dat Mata Hari te Parijs ter dood was veroordeeld en van het tegen haar gewezen vonnis in hooger beroep was gegaan, aan den gezant te Parijs opgedragen al het mogelijke te doen, opdat, indien het vonnis in appèl mocht worden bevestigd, de doodstraf zou worden veranderd in een vrijheidsstraf.

Bij voorbaat verzocht genoemde gezant aan de Fransche Regeering bij bevestiging van het vonnis de uitvoering ervan op te schorten, opdat er gelegenheid zou zijn om een gratie-request in te dienen. Toen het vonnis was bevestigd en een verzoek om cassatie was afgewezen, ontving de gezant te Parijs opdracht om voor Mata Hari gratie te vragen, terwijl ook de tusschenkomst van den Franschen gezant te ‘s-Gravenhage werd ingeroepen om de stappen der Nederlandsche Regeering in dezen te ondersteunen. Gisteren ontving de Minister van Buitenlandsche Zaken evenwel telegraphisch bericht van den gezant te Parijs dat op het verzoek om gratie afwijzend is beschikt.

Bron: Algemeen Handelsblad, 17 oktober 1917

Het persbureau Vas Diaz vernam nog de volgende bijzonderheden:
Tegen 5 uur in den ochtend kwam een automobiel Mata Hari halen uit de gevangenis St. Lazard. Twee nonnen en een pastoor namen met haar in het voertuig plaats, benevens twee inspecteurs van politie.

De terechtstelling had plaats in de Polygon van Vincennes. Mata Hari bleef moedig en weigerde zich te laten blinddoeken. De begrafenis had plaats op het kerkhof van Vincennes.

Alvorens de gevangenis te verlaten, gaf de veroordeelde een pakket brieven af voor hare verdedigers.

Bron: Algemeen Handelsblad, 16 oktober 1917

Bron afbeelding: www.wikipedia.nl

Bekijk de volledige kranten op www.delpher.nl

overzicht: