Professoren en wetenschap

Door J.H.J. Andriessen

 

In het weekblad van de NRC van 24-30 December j.l  stond een interview met de bekende Nederlandse oudheidkundige Jona Lendering.

In dit interview leverde deze forse kritiek op wetenschappers waarbij duidelijk werd dat die kritiek hem niet in dank werd afgenomen en hij daardoor bij universiteiten niet welkom was. Citaat; “Ze zouden met mij een probleem binnen halen”.

Lendering gaf een jaar geleden een boek uit waarin hij 50 mythen over de Oudheid ontkrachtte. Dat Cleopatra zich liet doden door een adder bijvoorbeeld. Kan niet waar zijn zegt Lendering want adderbeten zijn niet dodelijk en in Egypte leven geen adders. Stelling van Pythagoras? Het principe was al duizend jaar vóór Pythagoras bekend. Negen eeuwen na zijn dood werd het aan hem toegeschreven. ’Et tu, Brute?’ Als Julius Caesar al iets gezegd heeft toen hij werd doodgestoken, deed hij dat in het Grieks.

In zijn nawoord legt Lendering uit dat dit soort misverstanden minder worden veroorzaakt door pseudowetenschappers dan door gespecialiseerde academici die, noodgedwongen, verouderde informatie rondpompen.

“Het niveau van de wetenschap is de afgelopen vijfentwintig jaar zo gedaald” zegt Lendering, “dat er nu ook in de boeken van mensen met professor doctor voor hun naam fouten staan. Dat heeft twee gevolgen: de geloofwaardigheid van de desbetreffende professor doctor gaat er aan. En de geloofwaardigheid van de wetenschap zelf”.

Hij verwijst voorts naar de Mexicaanse griep; “een minister die zegt dat het gevaarlijk wordt , maar het wordt niet gevaarlijk. Wie gelooft hem nog?

 Een arabist die zegt dat in de Koran meer antisemitische passages staan dan in “Mein Kampf” terwijl dat aantoonbaar niet juist is. Wie gelooft hem nog?

Lendering vervolgt dan: “Het is natuurlijk vooral zorgwekkend dat 30% van de mensen niet meer gelooft wat universiteiten concluderen. Maar ik ben blij dat critici sinds ‘climategate’ niet meer automatisch worden weggezet als pseudo- wetenschappers”. (Climategate; onderzoekers hadden gegevens over klimaatverandering die hen niet van pas kwamen veranderd of weggelaten.)

Lendering is van mening dat onze academici niet goed genoeg meer zijn en wijt dat o.a aan de bezuinigingen op de universiteiten. Universiteiten hebben volgens hem het onaanvaardbare aanvaard en maar doorgemodderd waardoor de kwaliteit heeft ingeboet. Hij constateert dat dit ook bij de geesteswetenschappen het geval is.

 

Tot zover het interview met Jona lendering.

 

Hoewel Lendering natuurlijk niet beweert dat dit geconstateerde kwaliteitsverlies voor alle academici geldt, komt zijn waarneming geheel overeen met die van mij zelf als het over de historische wetenschappen gaat. Ook daar constateer ik het genoemde kwaliteitsverlies.

In de rubriek “recensies” op deze site heb ik een aantal kritische beschouwingen gewijd aan boeken over de Eerste Wereldoorlog van de hand van bekende tot zeer bekende Angelsaksische historici die zonder uitzondering grote fouten tonen bij de beschrijving van de geschiedenis over dit onderwerp. Recent voegde ik daar nog een drietal recensies over boeken van de hand van Nederlandse professoren toe.

Ook hier constateerde ik volslagen onjuistheden en onzinnige stellingen.

Juist het feit dat het hier Nederlandse professoren betrof acht ik een kwalijke zaak en het zal duidelijk zijn dat ik mij , wat dat betreft, geheel aansluit bij de waarnemingen van Lendering. Ook mij zal dat niet in  dank worden afgenomen.  

Het is m.i niet alleen het kwaliteitsgebrek dat uit voornoemde geschriften naar voren komt maar meer nog de devaluatie van hun wetenschappelijke status en titel die zij met hun m.i. onwetenschappelijk geschrijf aanbrengen. Het is jammer dat niet iedereen dat kennelijk wil zien, juist ook omdat door de devaluatie van de titel ook de wetenschap zelf wordt geschaad.

Het is voor mij onbegrijpelijk dat uit het college professoren zelf niet veel meer kritiek naar voren komt en waakzaamheid wordt getoond t.a.v. het wetenschappelijke niveau van door sommige van hun collegae gepubliceerde geschriften of het te pas en te onpas gebruiken van hun titel bij gelegenheden die niets maar dan ook niets te maken hebben met hun vakgebied. De doorgevoerde bezuinigingen zijn echt niet de enige reden van het geconstateerde kwaliteitsgebrek

 

J.H.J. Andriessen

Voorzitter

Stichting Studiecentrum

Eerste Wereldoorlog

 

(Lezers die op dit artikel willen reageren kunnen dat doen door hier te klikken om een email te zenden naar J.H.J. Andriessen.)

overzicht: