Museum Eerste Wereldoorlog in Alkmaar

Persbericht 22-06-2009

Van onze speciale correspondent:

Zaterdag 20 juni jl. was het eindelijk zover. Na vier jaar noeste arbeid werden in Alkmaar de deuren van een nieuw Eerste Wereldoorlog-museum geopend. Dat voelde als een feestje en dat werd het ook. Na een korte openingsceremonie waarbij een nieuw museumlogo werd onthuld door de volgende generatie museumdirectie, kregen de genodigden groepsgewijs de gelegenheid het museum te bezoeken.

Om 14.00 uur openden men de deuren voor niet-genodigden.

Tussen 14.00 uur en 16.30 hebben naar schatting ca. 70 mensen het museum bezocht.

De conservator vertelde:

wij hebben met enorm veel plezier deze mensen persoonlijk te woord kunnen staan. Bijzonder leerzaam maar vooral bevredigend dat men waardering heeft (en uitspreekt) voor iets wat bijna levenswerk begint te worden.

Maar hoe komt men tot zoiets?

Mijn grootmoeder kwam uit Antwerpen. Als klein kind vind je dat de normaalste zaak van de wereld. Dat ze zo nu en dan wat Vlaamse woorden ‘klapt’ neem je op de koop toe (en soms over). Pas op latere leeftijd ga je je afvragen waarom ze een stad ontvlucht waar ze zulke lekkere pralines maken. Dat doe je per slot van rekening niet zomaar…..

Mijn grootmoeder vluchtte met haar familie voor de aanstormende Duitse keizerlijke troepen. Antwerpen werd geëvacueerd en bezet door de Duitsers in oktober 1914. De bezetting van Antwerpen zou, zoals het grootste gedeelte van België tot november 1918 duren.

Honderdduizenden Belgische vluchtelingen trekken de Nederlandse grens over en gaan vier jaar ellende tegemoet in de Nederlandse interneringskampen. Mijn grootmoeder had geluk. Zij vond een plek bij familie in Maastricht. Later reist zij met haar familie door naar Amsterdam waar zij uiteindelijk gaat wonen.

De wetenschap daar uit voortgekomen te zijn vergroot de belangstelling voor deze geschiedenis enorm. De plaatselijke bibliotheek voorzag nauwelijks in deze behoefte aan informatie en dit maakt het vergaren hiervan al bijna verzamelen van een schaars goed. Als ik dan op vijftienjarige leeftijd voor het eerst de Noord-Franse voormalige slagvelden zie dan is dat de aanjager die bij mij, maar ook bij mijn vader, leidt tot een buitenproportionele verzamelwoede in alles wat met de eerste wereldoorlog te maken heeft.

Naarmate onze interesse toenam voor alles wat met de eerste wereldoorlog te maken had groeide onze verbazing over de onbekendheid van deze slachting bij Nederlanders. Een ongekend drama dat van 1914 tot 1918 plaatsvond op slechts enkele meters van Nederland en daar tot heden zijn littekens nalaat heeft van weinig tot geen bekendheid (interesse?) in Nederland mogen leiden. Toch heeft ook Nederland, ondanks haar neutraliteit, een actieve rol gespeeld in de eerste wereldoorlog. Grote aantallen (honderdduizenden!) burgervluchtelingen, uitgeweken militairen, deserteurs en ontsnapte krijgsgevangenen van vele nationaliteiten moesten worden geïnterneerd.

Halverwege de jaren negentig van de 20e eeuw groeit in Nederland het gevoel voor een groot Europa en daarmee de groeit de interesse van Nederlanders in kunst, cultuur, literatuur en geschiedenis uit de ons omringende landen. Dit leidt tot een gestage vergroting in het aanbod van boeken dat geschreven of vertaald wordt over de eerste wereldoorlog. Met name de laatste vijf jaar is het aanbod verveelvoudigd. Hierbij groeit ook de behoefte van de lezer om meer te beleven dan het geschreven woord; men wil horen, zien en voelen. Nederlanders bezoeken vervolgens de oude slagvelden in Frankrijk en België en verbazen zich temeer: wat is hier gebeurd!? Op die vraag hopen wij een klein beetje antwoord te geven door het openstellen van onze collectie aan het publiek.

De collectie

Wat zou je bezoekers van een museum nou kunnen laten zien dat mogelijk een klein beetje bij kan dragen aan een verklaring van de waanzin die de eerste wereldoorlog heet? Het antwoord is even teleurstellend als simpel: niets! Wij hebben niet de illusie middels een aantal diorama’s en vitrines oorzaak en gevolg aan te kunnen tonen. Leven noch lijden laat zich op 100 vierkante meter vertalen.

Wat kun je dan wel laten zien? Met de eerste wereldoorlog werd een traditioneel tijdperk afgesloten. Koningshuizen zijn gevallen, staten uiteengevallen, gesplitst en ontstaan. De industrialisatie die zich aan het eind van de 19e eeuw had ingezet werd doorgevoerd in de aanvankelijk traditionele oorlogvoering. Een oorlog die in de hoofden van politici en strategen op een heel andere wijze gevoerd zou worden als later zou blijken. De overgang van traditionele oorlogvoering naar een industriële laat zich direct vertalen in de uniformering en uitrusting van de strijdende partijen. Dit zult u zien.

De geschiedenis van de eerste wereldoorlog is dusdanig veelomvattend dat wij hebben gekozen voor een ‘beperkt’ gedeelte, een thema, zo u wilt. De keuze voor het thema was in onze optiek eenvoudig. De slag bij Verdun in 1916 kent nagenoeg alle elementen en gruwelen der eerste wereldoorlog. Zonder de pretentie te hebben u een compleet beeld te geven denken wij middels een aantal diorama’s en vitrines toch een zekere sfeer te kunnen scheppen waarin de gebeurtenissen indertijd moeten hebben plaatsgevonden. De diorama’s herbergen allen een verschillende periode uit de slag om Verdun. Centraal thema is hierbij ‘het dagelijks leven van de loopgraafsoldaat’. Ondanks de beperkte ruimte denken wij dat dit museum een hoog educatief gehalte zal hebben. Meer dan 30 ‘mannen’ van verschillende nationaliteiten, onderdelen en rang vertalen voor u de jaren 1914 tot en met 1918 aan het front van Verdun. Voor verheerlijking van militarisme, wapens of munitie bent u echter bij ons aan het verkeerde adres. Er is weinig glorieus te vinden in de dood van honderdduizenden bij Verdun.

De toekomst

Het zal niet als een verrassing komen; het museum is nog niet klaar. Toch hebben we gemeend de opening naar voren te moeten halen. De basisopstelling is aanwezig en wekelijks worden er objecten en vitrines toegevoegd. We kunnen door de huidige bezoekerservaringen leren hoe men het museum waardeert en wat er eventueel voor verbetering vatbaar is. Daarnaast zal de geïnteresseerde bij ieder herhalingsbezoek verschillen kunnen ontdekken.

Op dit moment is ongeveer 60% van de totale collectie in expositie. Naast het inbrengen van stukken in de huidige diorama’s en vitrines starten we met de bouw van de nieuwe vitrines in het nu nog gesloten gedeelte van het museum.

Tevens wordt een gedeelte van de nieuw te betrekken ruimte vrijgehouden als expositieruimte voor wisselende thema’s. We verwachten tweemaal per jaar een aansprekend onderwerp te belichten. Ook de uitwisseling met andere musea in Nederland is reeds besproken. De collectie is nou eenmaal groter dan we kunnen huisvesten en deze blijft groeien. We hebben nog een aardig verlanglijstje.

Openingstijden

Het museum is het hele jaar geopend van dinsdag tot en met zaterdag van 10.00 uur tot 17.00 uur.

Op alle zon-, maan- en feestdagen zijn wij gesloten. Daarnaast adviseren wij u voor uw bezoek aan ons museum op deze website te verifiëren of wij geopend zijn. Additionele (vakantie)sluiting wordt door ons altijd expliciet op de website vermeld.

Op dit moment hebben wij geen vakantiesluiting gepland.

Groepen: uiteraard is het mogelijk groepsgewijs het museum te bezoeken. Houd er echter rekening mee dat dit geen groot museum is. De ruimte is dusdanig beperkt dat er tot maximaal 10 mensen tegelijk het museum kunnen bezoeken.

Gratis entree! Hoe zit dat?

Dit museum is tot stand gekomen middels een particulier initiatief zonder winstoogmerk. Na vele jaren intensief zoeken, bestuderen, documenteren en bouwen van het expositiemateriaal en de vitrines zijn wij gekomen tot de huidige permanente tentoonstelling.

Een voorwaarde voor de openstelling van dit museum is altijd de vrije toegankelijkheid geweest. Zonder het heffen van entreegelden is het museum voor iedereen toegankelijk en bereiken wij hiermee onze doelstelling: een bijdrage te leveren aan het inlopen van de achterstand in Nederland met betrekking tot de kennis over de Eerste Wereldoorlog.

Wij moeten het tot heden echter stellen zonder enige vorm van subsidie van de overheid of fondsen. U kunt zich voorstellen dat de verzekering, onderhoud en tentoonstelling van deze expositie bijzonder veel kosten met zich mee brengt. Daarom vragen wij aan u een vrijwillige bijdrage.

Contactgegevens

Postadres:

Peter Wories
Termijen 18
1852 TA HEILOO
Tel. 06-41707911

www.verdun.nl
lepoilu@verdun.nl

Adres museum:
LE POILU
Het Kruithuis
Doelenstraat 6
1811 KZ ALKMAAR

 

Het bestuur van de Stichting Studiecentrum Eerste Wereldoorlog feliciteert de initiatiefnemer van dit museum van harte met de opening van dit interessante en mooie museum.

overzicht: