Lezing van de heer J.H.J. Andriessen tijdens de bijeenkomst van de WFA op 22 januari 2011

Lezing gehouden tijdens WFA bijeenkomst te Utrecht in januari 2011 door J.H.J. Andriesssen, voorzitter Stichting Studiecentrum Eerste Wereldoorlog.

De invloed van de Russische algemene mobilisatie op het uitbreken van de Eerste Wereldoorlog

Ik zou willen beginnen, dames en heren, met een uitspraak van Luther toen die in 1517 uit de Rooms Katholieke kerk werd gezet en voor de gemeente staande, de historische woorden sprak: “Hier sta ik, ik kan niet anders”.

Ik voel me vandaag een beetje als Luther, wetende voor een bijna hopeloze taak te staan, de taak nl. om ongelovigen te transformeren in gelovigen.

 

Dat hopeloze gevoel kreeg ik vorige maand weer toen ik het historisch museum in Berlijn bezocht en daar werd geconfronteerd met een aantal statements over het Duitse keizerrijk onder Wilhelm II en over de keizer zelf die mij nog eens extra duidelijk maakten hoe immens groot de invloed van de ruim vier jaar durende geallieerde propaganda op de geschiedschrijving is geweest, zo groot dat nu, zo’n kleine 100 jaar later die invloed nog manifest aanwezig is in de door veel historici gepubliceerde werken over het ontstaan van de Eerste Wereldoorlog.

Ook U, dames en heren, bent door die bewust in stand gehouden Angelsaksische geschiedschrijving geïnfecteerd en ik zal u proberen duidelijk te maken waarom dat zo is.

 

De titel van mijn exposé, met een variant op Kipling, sprekende over de generatie gesneuvelde soldaten luidt:

 

                   If there is any question why we died,
                Tell them, it’s because our politiciens and Historians lied
.’

 

En die leugens dames en heren worden vandaag de dag nog steeds, door de meeste historici, herhaald en velen nemen die leugens nog steeds, kritiekloos, als waarheid voor lief.

En toch,

Die waarheid is betrekkelijk eenvoudig uit het ons ter beschikking staand bronnenmateriaal te distilleren.

Duitsland was niet de oorzaak en Duitsland was niet alléén schuldig aan het ontstaan van de Eerste Wereldoorlog. Dat gold eigenlijk ook voor Oostenrijk-Hongarije, ik kom daar nog op terug.                                                

Vandaag is de ‘Russische algemene mobilisatie’ onderwerp van discussie.Een mobilisatie die alles maar dan ook alles met de schuldvraag te maken heeft hetgeen echter vaak fanatiek wordt tegengesproken door generaties historici, helaas ook door een aantal Nederlandse historici.

Die ontkenning is één van de nog steeds volgehouden mythen over de schuldvraag.

 

Allereerst een verklaring van het begrip’algemene’ mobilisatie

Bij een Alg, Mobilisatie door een ‘grote mogendheid’ wordt, in tegenstelling tot het begrip beperkte mobilisatie, de gehele strijdmacht van een land gemobiliseerd.

Voorbeeld: Toen Oostenrijk-Hongarije de oorlog aan Servië verklaarde mobiliseerden ze het deel van haar strijdkrachten aan de Servische grens. Hun strijdkrachten aan de grens met Rusland werden niet gemobiliseerd. Een beperkte mobilisatie dus.Toen Rusland echter de algemene mobilisatie uitriep, mobiliseerde ze al haar strijdkrachten, dus niet alleen tegen Oostenrijk-Hongarije maar ook- en tegelijkertijd tegen Duitsland. Deze Russische alg.mobilisatie had vier gevolgen:

 

1: Nadat Rusland de algemene mobilisatie had uitgeroepen moest ook Oostenrijk-Hongarije dat wel doen en ook haar troepen aan de Russische grens mobiliseren om zich te kunnen verdedigen tegen een Russische aanval.Zoals ik al zei; In eerste instantie had Oostenrijk  alleen maar aan de Servische grens gemobiliseerd, een beperkte mobilisatie dus, en haar troepen aan de Russische grens niet, om Rusland niet te provoceren.

 2: Duitsland begreep en wist dat door de Russische alg,mob. een wereldoorlog op punt van uitbreken stond. Ze hield het hoofd nog koel en  zond  een ultimatum van 12 uur aan Rusland haar mob. te stoppen maar Rusland antwoordde niet.

3: Nu moest ook Duitsland wel de alg.Mob.uitroepen immers men kon niet rustig afwachten wat er zou gaan gebeuren, men moest gereed zijn want Rusland trok niet voor niets troepen samen aan de Duitse grens.

4: De Duitse mobilisatie werd des te meer noodzakelijk omdat ook Frankrijk de alg.mob. uitriep (gericht tegen Duitsland) nog vóór dat Duitsland zelf gemobiliseerd had! Duitsland mobiliseerde  dus pas na de Russische alg,mob. en na de Franse alg.mobilisatie.

 

Vraag: Waarom was de algemene mobilisatie van een grootmacht zo belangrijk

Antwoord

Een van de vele misvattingen over het ontstaan van de Eerste Wereldoorlog is de bewering dat mobilisatie nog geen oorlog betekende en dat, ook al had Rusland als eerste gemobiliseerd, dit niet betekende dat ze ook degene was die de oorlog begon. Met nadruk stel ik dat dit een grote misvatting is, een misvatting die dan ook door de feiten wordt tegengesproken.

Het is dan noodzakelijk om het geheime Frans-Russische militaire verdrag van 1892/94 aan een nadere beschouwing te onderwerpen.

Ik vraag uw aandacht voor twee zeer opmerkelijke artike­len uit het verdrag:  

                                                  

In artikel 2  werd vastgesteld dat mobilisatie van een der Triple Alliance-landen, Duitsland, Oostenrijk-Hongarije of Italië, reeds voldoende zou zijn voor beide landen, zelf ook, zonder verder voorafgaand overleg, onmiddellijk te mobiliseren en de troepen zo dicht mogelijk aan de Duitse grenzen samen te trekken.

 

In artikel 3, werd vastgelegd dat deze aan de grens samengetrokken troepen dan onmiddellijk tot de aanval op Duitsland zouden overgaan zodat dit land zich dan tegelijk op twee fronten, in het oosten en in het westen,  zou moeten verdedigen en voor alle duidelijkheid werd al vastgelegd dat Frankrijk daartoe 1,3 miljoen man en Rusland 700.000 a 800.000 man beschikbaar zou stellen.

 

Het significante van deze artikelen is nu, dat de mobilisatie van slechts een der Driebond-landen al voldoende zou zijn voor Rusland en Frankrijk om niet alleen zelf eveneens te gaan mobiliseren, maar daarna ook onmiddellijk de aanval te openen, niet op Oostenrijk als dat land had gemobiliseerd, ook niet op Italië als dat land tot mobilisatie zou zijn over gegaan, maar op Duitsland, de belangrijkste bondgenoot van Oostenrijk-Hongarije, zelfs als Duitsland zelf nog niet gemobiliseerd zou hebben.

Met deze twee artikelen schiep men zichzelf een kader van waaruit men altijd wel een reden zou kunnen vinden om de strijd te starten en wel op een moment dat men zelf zou kunnen bepalen. Im­mers, het zou voor Rusland niet moeilijk zijn een situa­tie te scheppen waardoor bijvoorbeeld Oostenrijk-Hongarije zich genoodzaakt zou zien haar strijdkrachten te mobilise­ren (een incident in de Balkan bijvoorbeeld) en dat zou dan reeds voldoende zijn voor Rusland en Frank­rijk om Duitsland aan te vallen.

In feitewaren artikel 2 en 3 van het Frans-Russische verdrag een gehei­me oorlogsverklaring aan Duitsland welke op termijn zou kunnen worden gerealiseerd. ’Mobilisatie van een der landen van de Tripple Alliance’ zou de casus foederis vormen voor de Dual Alliance’ die daarop onmiddellijk zelf zou mobilise­ren en zo’n mobilisatie betekende onherroepelijk oorlog.

Mobilisatie betekende dus het meest defini­tieve besluit tot oorlog. De conclusie moet dan ook zijn dat Rusland definitief tot oorlog besloot toen het in 1914 als eerste tot de algemene mobilisatie overging en alle diplomatieke activi­teiten daarna hadden geen enkele betekenis meer en moeten slechts gezien worden als ‘vertragingstactie­ken’ Dat blijkt ook zonneklaar uit de aantekening van de Russische generaal Dobrorolski, belast met de uitvoering van de mobilisatieplannen, die schreef;

‘Der Krieg war bereits beschlossene Sache und die ganze Flut von Telegrammen zwischen der Regierungen Ruszlands und Deutschlands stellte nur eine mis en scene eines Historischen Dramas vor’.

 

Dat er wel degelijk al lang een plan was om Duitsland te vernietigen  blijkt uit de notulen van de jaarlijkse vergadering van de Franse en Russische generale staven. Uit de notulen van de vergadering van 1913 lezen we:

“De twee chefs van staven bevestigen de afspraken van de vorige vergaderingen van 1911 en 1912 waarin volledige overeenstemming werd bereikt mbt de gezamenlijke doelstelling, nl de vernietiging van de Duitse Legers”.                                                                                                                                                                    Het was deze uitleg van de generaals aan de politici, welke duidelijk maakte hoe gevaarlijk het Frans-Russische verdrag voor de wereldvrede was en hoe nauw het was verbonden aan het ontstaan van de Eerste Wereldoorlog.

De Frans-Russische geheime militaire conventie legde de grond­slag voor de Europese Oorlog en moet gezien worden als de ‘guideline’ voor de regeringen en militairen van beide landen mbt de te volgen politiek, de ontwikkeling van de gezamen­lijke strategie en de vaststelling van het ultieme doel namelijk de vernietiging van de voornaam­ste vijand, Duitsland.  Alles wat later kwam, alle al dan niet agressieve diplomatieke acties van Duitsland, de gespannen situa­tie tussen Oostenrijk-Hongarije en Servië etc, dienen dan ook steeds te worden gezien in het licht van de reeds in 1892 gesloten Frans-Russische militaire conventie waarin het be­sluit tot oorlogs­voering tegen Duitsland klip en klaar en tot in detail was vastgelegd.

Maar we gaan verder; Mocht u er nog steeds aan twijfelen dat de alg.mob. van Rusland dan toch nog niet meteen betekende dat ze ook oorlog wilde gaan voeren dan maken de volgende opmerkingen en feiten dat misschien voor u wat aannemelijker;

Algemeen was het destijds in Europese militaire kringen (ook in Nederland) een axioma dat de  algemene mobilisatie van een der grootmachten de meest beslissende stap tot oorlog betekende. Dit blijkt- en werd nog eens onderschreven door de Franse generaal Boisdeffre die de tsaar, nadat het verdrag door deze was ondertekend, vertelde;                                                           

‘Mobilisatie is hetzelfde als een oorlogsverklaring. Mobili­seert men dan dwingt men de vijand hetzelfde te doen. Men kan de vijand niet toestaan een miljoen man aan de grenzen te laten mobiliseren zonder dat zelf ook te doen op straffe van de onmogelijkheid zichzelf nog te kunnen verdedigen of het initiatief te nemen”­.

Deze mening werd gedeeld door de Russische generaal Obru­chev die op 7 mei een nota aan zijn minister van Buitenlandse Zaken zond, waarin hij onder andere schre­ef dat :

‘Succes op het slagveld is afhanke­lijk van wie het snelst, de grootste hoeveelheid manschappen op het slagveld kan brengen. Degene die het eerst de vijand kan aanvallen maakt de grootste kans op een overwinning’. ‘Derhalve kan de mobilisatie niet langer worden gezien als een handeling om de vrede te bewaren, maar moet integendeel beschouwd worden als de meest duidelijke oorlogsdaad.

De term ‘mobilisatie’ dient gezien te worden als het begin van de oorlogshandelingen zelf en heeft tot gevolg dat zodra tot mobilisatie wordt besloten, verdere diplomatieke acties uitgesloten zijn omdat dit tot vertraging kan leiden hetgeen men zich niet meer kan permitteren.

 

Mobilisatie van één der landen van de Driebond, Duitsland, Oostenrijk-Hongarije of Italië, betekende dus dat Rusland en Frankrijk ook meteen zouden gaan mobiliseren en daarna onmiddellijk, niet Oostenrijk of Italië, maar direct Duitsland zouden aanvallen. Mocht u aan de betekenis van deze stelling toch nog twijfelen, dan maakt het bevel dat de tsaar op 11 april 1912 uitvaardigde aan deze twijfel wel een eind. Dat bevel luidde;

‘Zodra de troepen in de Europese districten het telegrafisch mobilisatiebevel zullen ontvangen wegens politieke verwikkelingen aan de westgrenzen, dan moet dat bevel tegelijkertijd wordenbeschouwd als een bevel tot het openen van de vijandelijkheden tegen Duitsland en Oostenrijk.’.

Nu zijn er helaas ook nog altijd mensen die blijven beweren dat de triple alliantie, Frankrijk,Rusland en Engeland niet echt een plan hadden om een oorlog met Duitsland te ontketenen. Diegenen die dat beweren hebben dan niet alleen het Frans-Russische geheime militaire verdrag van 1892, noch het geheime Russisch-Bulgaarse verdrag van 1909 en dus dan ook niet de Servisch-Bulgaarse militaire conventie van 29 febr. 1912 gelezen. Hadden ze dat wel gedaan dan hadden ze geweten dat er wel degelijk al lang een plan was om Duitsland te vernietigen. Ach, u vindt dat allemaal nog niet zo overtuigend? Wel lees dan de notulen van de jaarlijkse vergaderingen van de Franse en Russische generale staven. Uit die van 1913  lezen we bijv:

“De twee chefs van staven bevestigen de afspraken van de vorige vergaderingen van 1911 en 1912 waarin volledige oveenstemming  werd bereikt mbt de gezamenlijke doelstelling nl de vernietiging van de Duitse legers”.   

 

Kan men blijven volhouden dat er geen plan is geweest ? Nou, het voorgaande lijkt toch duidelijk genoeg!   Maar goed, u wilt het nog overtuigender? 

We zouden dan misschien eens moeten nagaan of- en welke redenen deze landen zouden hebben gehad om wel zo’n plan op te stellen. Waarom wilde Rusland zo graag toegang hebben tot de Dardanellen en de Bosporus, wat was de gedachte van Frankrijk mbt  Elzas Lotharingen, hoe sterk was de revanche gedachte en… hoe dacht Gr.Brittannië de al maar toenemende economische concurrentie van Duitsland zonder wapengeweld te kunnen keren?. Zij hadden redenen genoeg om van Duitsland af te willen en er is bewijsmateriaal, lectuur en documenten te over die dat dan ook aantonen. Maar ja, ik zei het reeds; de geallieerde propaganda werkt na ca 100 jaar nog steeds en beïnvloedt ook onze historici terwijl die niet de moeite nemen dat allemaal nu eens indringend te bestuderen.

Dan zijn er helaas ook nog steeds mensen die van mening zijn dat de schuld van de Eerste Wereldoorlog bij Oostenrijk-Hongarije gezocht moet worden. Ook hier moet ik dan constateren dat diegenen die dat beweren zich wat meer zouden moeten richten op de beschikbare documenten over de positie van OH in die tijd. Zij zouden ook eens de memoires van de Servische zaakgelastigde Bogitchevic en het memorandum van de Oostenrijk-Hongaarse opperbevelhebber Conrad moeten lezen. Conrad heeft die positie treffend geanalyseerd. Hij schreef o.a:

“Oostenrijk-Hongarije wordt momenteel zowel van binnenuit als van  buitenuit bedreigd.

  1. Van binnenuit door de tegenstellingen tussen  etnische groeperingen ; de Serven die bij Servië willen behoren,de Tsjechen die een onafhankelijk staat willen; de Mohammedanen die aansluiting zoeken bij Turkije, de Christenen die bij Oostenrijk-Hongarije willen  blijven alsmede de onrust in het Hongaarse deel van ons Rijk.
  2. Van buitenuit door het streven van Rusland naar invloed in Constantinopel, naar een leidende rol op de Balkan en door haar streven de Duitse plannen in Azië te doorkruisen.
  3. Door Italië dat delen van ons Rijk in bezit wil krijgen en de hegemonie in de Adriatische zee.
  4. Door Servië met haar streven naar een “Groot Servisch Rijk”en haar agitatie in Bosnië - Herzegovina om dit te bereiken.
  5. Door de toenemende vijandigheid van Frankrijk t.a.v onze bondgenoot Duitsland.

 

Toen nu de Serven voor de zoveelste keer terreurdaden tegen Oostenrijk –Hongarije initieerde en een terreurorganisatie “de Zwarte Hand’ o.l.v het hoofd van de Servische .Mil.Geheime Dienst, Dimitryovich,  meewerkte aan de moord op de Oostenrijkse troonopvolger Fr.Ferdinand, kan men het OH toch moeilijk kwalijk nemen dat voor haar de maat vol was. Het bestaan van het rijk werd bedreigd. Denkt u\ zich eens in als in die tijd de Britse kroonprins ergens zou zijn vermoord.Denkt u dat Engeland op z’n stoel was blijven zitten?

Daarenboven, en dat wordt nimmer genoemd, beloofde OH toen ze tegen Servië mobiliseerde toch plechtig aan Rusland en de andere grootmachten, dat ze geen territoriale wensen mbt Servië had en zich niet blijvend in Servië zou vestigen maar wel af wilde van dit terroristenregiem. Reden om een wereldoorlog te ontketenen was er dus voor Rusland dé facto niet!

Toch besloot ze, gesteund door Frankrijk en Engeland, het risico te nemen en tot de meest definitieve oorlogsdaad, de algemene mobilisatie over te gaan. En de reden dat ze dat risico voor lief nam lag hem in het feit dat de ‘haviken’ die oorlog wilden, wonnen van de ‘duiven’ die geen oorlog wensten.

En dan is er nog de bewering door, vooral Angelsaksische historici, dat OH stelselmatig aan een 3e Balkan oorlog werkte om van Servië af te komen. Tja, dat is toch de wereld op z’n kop zetten!.

Het was integendeel Servië dat stelselmatig aan een 3e Balkanoorlog werkte door, daarbij actief gesteund door Rusland,  o.a de continue terreurdaden in Bosnië en Herzegovina en de uiteindelijke moord op de OH aartshertog te initiëren en/of te steunen. Nu moeten we toch niet de zaken gaan omdraaien. Ik zou zeggen; bestudeer dan toch eerst eens de rol van Servië alvorens met zo’n standpunt te komen!.

Een andere bewering luidt , dat Duitsland er, tegen beter weten in, van uit is gegaan dat Rusland, net als in 1908 en 1912 wel voor de Duitse druk zou terugkrabbelen. Degenen die Duitsland dus er van beschuldigen dat ze “tegen beter weten in” daarvan is uitgegaan, vergeten dan toch dat dit de gedachte was in geheel Europa. Er werd van uitgegaan, en op goede gronden, o.a door officiële Russische publicaties in de regeringskrant en zelfs bij bondgenoot Frankrijk, dat Rusland pas in 1917, als haar artillerieprogramma zou zijn voltooid, voor oorlog gereed zou zijn. Dat was een algemeen erkend axioma. dus de Duitse aanname dat Rusland nog niet gereed was voor oorlog was helemaal niet tegen beter weten in maar eerder realistisch. Uiteindelijk is dat ook gebleken in 1914 want Rusland was dan ook in inderdaad niet gereed, kreeg al snel grote (materiaal) problemen en de aanvallende legers konden al snel bij Tannenberg in de pan worden gehakt.

 

Ik vraag U, wordt het niet eens tijd dat we al dat Angelsaksische geschrijf eens met wat gezond wantrouwen gaan beoordelen ipv daar  steeds aan te blijven refereren. Wordt het niet hoog tijd  voor onze Nederlandse historici om zelf eens de moeite te nemen dmv eigen onderzoek tot conclusies te komen? Ik pleit daar overigens al jaren voor. Ik acht het inderdaad een zeer kwalijke zaak dat zo’n eigen Nederlands onderzoek (m.u.v mijn eigen onderzoek maar ja, wie ben ik?) nu al zo’n kleine 100 jaar achterwege is gebleven en dat wij dat allemaal nog steeds ook maar klakkeloos accepteren.

Het is misschien toch wel tekenend dat ik hier vandaag slechts 30 minuten – en dan nog met moeite- toegekend kreeg om zo’n belangwekkend onderwerp als de Russische alg.mobilisatie, de kernvraag mbt de schuldkwestie, uitputtend te behandelen. Op die wijze komt het natuurlijk nooit echt van de grond!

 

Tenslotte; het is natuurlijk (en gelukkig) niet alleen Andriessen die dit allemaal beweert. Ik laat hier nog een aantal; getuigenissen, mogelijk voor u uit onverwachte hoek, volgen over de invloed van de Russische alg.mobilisatie op de schuldvraag. Ze komen van geallieerde autoriteiten die overigens voor het grootste deel ook de consequenties van die uitspraken niet hebben gehonoreerd met een verzoek tot revisie van het verdrag van Versailles

Het betreft hier getuigenissen van met name:

  1. De Italiaanse premier Nitti: Hij was tijdens de oorlog o.a minister van handel en Industrie. Hij schreef:
    “Toen we nog in oorlog waren achtten we het onze plicht om het moreel van onze volkeren hoog te houden en onze vijand zo zwart mogelijk af te schilderen en hen de schuld van de oorlog te geven.Maar na de oorlog, nu Duitsland verslagen is, zou het absurd zijn dat vol te houden. Zodra het mogelijk is om de documenten zorgvuldig te bestuderen zal het duidelijk worden dat het de houding van Rusland is geweest dat de werkelijke onderliggende oorzaak van dit wereldconflict is geweest.
  2. Robert L.Owen,  lid van de Amerikaanse senaat en voorzitter van het ‘Senate Foreign Relations Committee’ verklaarde in een rede voor het Amerikaanse congres op 18 december 1923 dat:
    “The most giganic conspiracy of all time in its consequences was the intrigue of the Russian Imperialists, who deliberatedly and intentionally brought about the World War”
  3. en de Russische minister van Oorlog, Suchomlinoff stelde kort en duidelijk in zijn memoires:
    “Ik durf te stellen dat het geloof in de alléénschuld van Duitsland niet vol te houden is, zelfs niet voor mr.Poincaré, Maar als men een politiek kan construeren gebaseerd op de theorie dat Duitsland alléén schuldig is, dan is het duidelijk dat men dat vastbesloten moet blijven beweren of op z’n minst moet uitstralen dat men daar zelf van overtuigd is.”
  4. Maar de Franse president Raymond Poincaré werd voor één keer openhartig toen hij verklaarde:
    “Ik beweer niet dat Oostenrijk of Duitsland in eerste instantie de algemene Europese oorlog bewust hebben uitgelokt. Er zijn geen bestaande documenten die ons het recht geven te veronderstellen dat zij die oorlog systematisch hebben gepland en voorbereid.
  5. Austin Harrison, editor van de ‘English Review’ en zeker geen vriend van Duitsland, schreef begin 1919:
    “Om Duitsland op te zadelen met de alléénschuld voor het uitbreken van de oorlog is, voorzover we nu reeds weten, en meer zal spoedig bekend worden, een absurditeit. Een verdrag sluiten gebaseerd op een absurditeit is onwettig.Vanuit menselijk, moreel en historisch oogpunt gezien, dient het verdrag van Versailles te worden afgewezen, nog afgezien van de schandalige economische consequenties.
  6. De Amerikaanse editor of “Foreign Relations ’Prof.dr.H.E.Barnes schreef:
    “Elke goed geïnformeerde historicus in welk land dan ook, die de oorzaken van de oorlog serieus bestudeerd zal de bewering van Duitslands alléénschuld als vervat in artikel 227 en 231 afwijzen als zijnde misdadig, misleidend en onjuist.
  7. Zelfs de Amerikaanse president zelf, werd zich er kennelijk plotseling van bewust dat hij wellicht te ver was gegaan toen hij er op stond dat de Keizer en Duitsland veroordeeld moesten worden.
    Enkele maanden nadat hij het schandalige dictaatverdrag er samen met de Franse premier Clemenceau had doorgedrukt, verklaarde hij reeds op 5 september 1919 in een toespraak:
    “Bestaat er ook maar iemand, man of vrouw, laat ik zeggen, is er ook maar ‘n kind die er aan twijfelt dat het zaad van de oorlog in de moderne wereld wordt geplant door industriële en commerciële rivaliteit?”.Deze oorlog wás een industriële en commerciële oorlog, geen politieke oorlog.
  8. De  gehele Britse delegatie bij het vredescongres, uitgebreid met de belangrijkste regeringsleiders kwam op 1 juni 1919 in Versailles bijeen om in de residentie van Lloyd George revisie van de Verdragsbepalingen te bespreken Men erkende dat de door Duitsland ingebrachte protesten op vele punten juist waren, besprak de afzonderlijke voorwaarden punt voor punt en gaf de minister-president Lloyd George daarna opdracht om met de meeste nadruk aanpassing van het verdrag bij de andere geallieerden te bepleiten. Zij vonden revisie zo belangrijk dat de minister-president gemachtigd werd een eventuele Britse medewerking aan een invasie en bezetting van Duitsland (indien dat land zou weigeren het verdrag te tekenen) te weigeren en de zeeblokkade van Duitsland door de Britse Marine op te heffen.
  9. De Amerikaanse president zei nog meer, hij verklaarde reeds vóór de Amerikaanse deelname aan de oorlog, op 26 oktober 1916 in een rede dat:
    “De werkelijke oorzaak van deze oorlog is het Europese systeem van allianties, een gecompliceerd web van intrige en spionage dat onvermijdelijk de volkeren in haar greep kreeg. De verklaring voor deze oorlog is niet zo simpel en haar wortels verzinken in de diepste duisternis van de geschiedenis”,
  10. De Britse premier Lloyd George, de man die in 1919 de verkiezingen in ging onder het motto “hang the Kaiser” en Duitsland in 1918 als de grote schuldige etaleerde schreef nog amper een jaar later op 23 december 1920:
    “Hoe vaker men de memoires en boeken leest over wat er is gebeurd vóór 1 augustus 1914, des te meer realiseert men zich dat geen enkele leidende politieke figuur oorlog wilde. De oorlog was iets waar we langzaam ingleden, of beter ingetuimeld zijn, waarschijnlijk uit domheid. Ik ben er van overtuigd dat de oorlog door goed onderhandelen voorkomen had kunnen worden.

En….dames en heren, heeft u zich wel eens afgevraagd wat de reden was dat Amerika en Japan beiden geweigerd hebben het Verdrag van Versailles te ondertekenen?

Nu, dat zeggen ze overigens zelf heel duidelijk in een bijlage bij het rapport van de commissie belast met het onderzoek naar de schuldvraag en het vaststellen van sancties daarvoor.  Die reden was dat ze het verdrag  in strijd vonden met de internationale wetten, onjuist, oneerbaar en vernederend. Ze wisten ook dat de aanklacht dat Duitsland alléén schuldig zou zijn juridisch niet haalbaar zou blijken.

Tenslotte adviseer ik u toch eens echt te gaan spitten in de diplomatieke documenten, in De Russische diplomatieke briefwisseling tussen graaf Benckendorff en de Russische regering, de Britse diplomaieke berichten, de Franse dipl.stukken, de Duitse dipl.stukken, het Russische Oranjeboek, het Franse geelboek, het Oostenrijkse roodboek, het Duitse witboek,het Servische blauwboek, kortom, de echte diplomatieke documenten en voorts de documenten die aangeven welke vervalsingen daarin weer voorkomen, en verder;, de Kautsky documenten, de twee delen waarin alle verdragen tussen de grote mogendheden zijn opgenomen,U kunt ze allemaal bij mij thuis komen inzien.( niet allemaal tegelijk natuurlijk)   Kortom gaat u toch eens echt op onderzoek uit en beperk  u niet tot het herhalen van en refereren aan Angelsaksische bronnen. Dat doet iedereentoch al.

Ik moge eindigen met het herhalen van wat Luther eens zei: Hier sta ik, ik kan niet anders! Ook al had Luther achteraf mogelijk geen gelijk, dat geldt zeker niet voor mij.  Luther kon zijn zaak niet bewijzen. Ik wel!

Maar goed, mijn ervaring leert; het zal u allemaal wel niet overtuigen, u heeft het allemaal zelf natuurlijk al eens uitputtend onderzocht en bent tot de conclusie gekomen dat:…..; Duitsland en/of Oostenrijk-Hongarije heus, echt, geloof het nu maar, schuldig waren en heus echt, de Russische mobilisatie had niets maar dan ook niets met het uitbeken van de oorlog te maken.

In dat geval rest mij niets anders dan u welterusten te wensen, slaap zacht -en oh ja, dank u voor uw aandacht.

 

J.H.J. Andriessen

overzicht: