Meest recente artikelen over oorlog op het land

Het Duitse Von Schlieffenplan bij het uitbreken van de Eerste Wereldoorlog

door: J.H. Buitenhuis, Luitenant-kolonel b.d. der Artillerie

 

Inleiding

De door Frankrijk verloren Frans-Duitse oorlog van 1870-1871 werd afgesloten door de Vrede van Frankfort. In deze vredesbepalingen legde men vast dat Frankrijk Noord-Oost Lotharingen, de geheel Franstalige stad Metz, Dieden-hofen en de Elzas (met uitzondering van de vesting Belfort) aan Duitsland moesten overdragen. Deze gebieden vormen de oostelijke departementen Bas Rhin, Haut Rhin en Moselle. Bovendien moest Frankrijk aan Pruisen een bedrag van 5 miljard francs schadevergoeding betalen.


Militaire studiereizen

Op bezoek bij de belligerenten 

Door: Sven Maaskant

  

Inleiding

Tussen 1914 en 1921 maakten Nederlandse officieren bijna zestig militaire studiereizen om te leren van een oorlog waaraan het Nederlandse leger niet deelnam, maar het was al vóór de Eerste Wereldoorlog een goed militair gebruik om waarnemers van buitenlandse legers uit te nodigen om legeroefeningen bij te wonen. Ook als de zaken een serieuze wending namen. Tijdens de Frans-Duitse Oorlog (1870-1871) waren er, naast waarnemers uit andere neutrale landen, ook Nederlandse officieren aanwezig om de gevechtsoperaties te bestuderen. Tijdens de tweede Boerenoorlog (1899-1902) werd opnieuw een Nederlandse commissie uitgezonden. Bovendien werden Nederlandse officieren enkele keren uitgenodigd om legeroefeningen van buitenlandse legers bij te wonen. De Eerste Wereldoorlog was voor het Nederlandse leger, als neutrale krijgsmacht, een nieuwe gelegenheid om oorlogshandelingen bij te wonen. Dát Nederlandse officieren tijdens de Eerste Wereldoorlog het front bezochten is niet onbekend, maar in de literatuur worden militaire studiereizen meestal alleen terloops genoemd, als een bron voor militair-technische vernieuwingen. Toch is het, om meerdere redenen, interessant om die militaire studiereizen zelf te onderzoeken.


De ‘onneembare’ Duitse stelling. De strijd aan de Hindenburglinie in 1917 en 1918

Door Eric Wils

 

Begin 1917 trok het Duitse leger zich terug op deze onneembare geachte stelling van drie achter elkaar gelegen loopgraven voorzien van prikkeldraadversperringen en mitrailleur-posten. Vanaf april 1917 probeerde het Britse leger hier doorheen te breken. In november 1917 leek dat met de inzet van tanks te lukken, maar het Duitse leger sloeg terug. Ook in 1918 was het gebied tussen Arras, Cambrai en Saint-Quentin weer het toneel van zware strijd.

De gevechten in dit gebied zullen er uiteindelijk toe leidden dat eind september 1918 de onneembaar geachte Hindenburglinie werd doorbroken. Een van de locaties waar de oorlog in geallieerd voordeel werd beslist. Zes weken na de doorbraak was de oorlog afgelopen.


Those Victorious last hundred days!

De positie van de geallieerden aan het eind van de Eerste Wereldoorlog.

Door: J.H.J.Andriessen

 

Uit de literatuur over de laatste maanden van 1918 en met name uit de Britse literatuur, kan men niet anders dan de indruk krijgen dat die laatste „victorious hundred days” een opeenstapeling van eclatante overwinningen vormden waarbij de geallieerde legers de „Duitse horden” voor zich uitdreven tot aan en voorbij de Duitse grens.

De vraag is echter gerechtvaardigd; was dat nu wel zo?


‘A Higher Form of Killing’. Een uitspraak van Fritz Haber?

Door Eric R.J. Wils

 

Het boek van Robert Harris en Jeremy Paxman

 

In 1982 publiceerden de Britse journalisten Robert Harris en Jeremy Paxman een boek met als titel ‘A Higher Form of Killing’. Het boek werd geschreven naar aanleiding van een televisieserie voor het BBC programma Panorama over chemische wapens vanaf de Eerste Wereldoorlog tot het begin van de jaren tachtig van de vorige eeuw. Op het titelblad van het boek staat het volgende:

‘In no future war will the military be able to ignore poison gas. It is a higher form of killing.

Professor Fritz Haber, pioneer of gas warfare, on receiving the Nobel Prize for Chemistry in 1919’.


randomssew