Een kleine geschiedenis van de Grote Oorlog 1914-1918

Door: Prof. dr. Koen Koch

Uitgeverij: Ambo
Isbn: 978 90 263 2157 3

De twintig foute conclusies van Koen Koch

In het recente boek van Prof.dr.Koen Koch worden een aantal opmerkelijke feiten geponeerd die naar onze mening weersproken dienen te worden. Ook nu weer wordt de Angelsaksische visie op de Eerste Wereldoorlog gevolgd. Die Angelsaksische visie is er de oorzaak van dat zo’n kleine eeuw na het uitbreken van die oorlog nog steeds de mythe geldt van het dappere kleine België dat onverhoeds en bruut werd aangevallen door een roofzuchtig en  machtswellustig Duitsland waarna Gr.Brittannië als edelmoedig redder op het toneel kon verschijnen. Door deze mythe is Engeland er tot op heden in geslaagd om haar eigen (kwalijke) rol bij het ontstaan van de Eerste Wereldoorlog op meesterlijke wijze te verbergen. Het is jammer dat Koch, die zich overigens over een aantal zaken toch zeer genuanceerd uitspreekt, toch niet wat dieper is ingegaan op de kwestie ‘oorzaak en schuld’

Nu, bijna 100 jaar na het uitbreken van de Eerste Wereldoorlog, zou het toe te juichen zijn als met name Nederlandse academici zich nog eens  zouden richten op de ‘schuldvraag’ omdat het inmiddels toch wel duidelijk moet zijn  dat deze  kwestie nog steeds niet adequaat is beantwoord,

Koch, die zich al lange tijd intensief heeft bezig gehouden met de Eerste Wereldoorlog en daar ook een aantal boeken over heeft geschreven, zou daarin een voortrekkersrol kunnen spelen. Het is dan ook jammer dat hij in zijn laatste boek “Een kleine geschiedenis van de Grote Oorlog”, zo slordig met de feiten is omgesprongen.

Het gaat hierbij om de volgende stellingen:

1) P.9: Toen Oostenrijk-Hongarije en Duitsland de oorlog eenmaal waren begonnen met hun agressie…….

Koch volgt met deze stelling de al bijna 100 jaar bestaande, door geallieerde propaganda ontstane, mythe dat het Duitsland was dat de oorlog is begonnen. Zo simpel was het toch echt niet en Koch had dan toch wat meer moeten ingaan op de oorzaken en het ontstaan van de oorlog en vooral ook op de rol van de andere aan die oorlog deelnemende landen. Hij heeft zich helaas beperkt tot de Angelsaksische visie die nog steeds onder historici hoog tij viert.

Met een beetje eigen onderzoek zou hij b.g zinnen waarschijnlijk niet op papier hebben gezet.  

2) p.9: de andere landen en hun bondgenoten hadden geen andere keuze dan zich tegen deze agressie te verzetten en te vechten voor de bevrijding van de door de agressor veroverde gebieden.

Dat is natuurlijk onzin en in strijd met de realiteit. Het was niet Duitsland dat de beslissing nam om de oorlog te beginnen maar werd hier door de Algemene Russische mobilisatie toe gedwongen. Voor een grootmacht gold destijds dat de algemene mobilisatie gelijk stond aan een oorlogsverklaring en Rusland verklaarde die oorlog door over te gaan tot die Algemene mobilisatie en- zoals gezegd- dat betekende oorlog. Die stelling is ook geheel in overeenstemming met de order van de Tsaar van 11 april 1912 luidende:

Zodra de troepen in de Europese districten het telegrafisch mobilisatiebevel zullen ontvangen wegens politieke verwikkelingen aan de westgrenzen,dan moet dit bevel tegelijkertijd worden beschouwd als een bevel tot het openen van de vijandelijkheden tegen Duitsland en Oostenrijk-Hongarije.

Ook de Russische generaal Dobrorolski bevestigde deze opvatting toen hij schreef:

Der Krieg war bereits beschlossene Sache und die ganze Flut von Telegrammen zwischen der Regierungen Russlands und Deutschlands stellte nur eine mis en scene eines historischen Dramas vor. (Dobrorolski.S., Die Mobilmachung der Russischen Armee 1914, p.20,21)

Koch gaat toch wel heel gemakkelijk voorbij aan het bestaande systeem van allianties waardoor de Russische algemene mobilisatie het gehele systeem in werking zette en een lokaal conflict onvermijdelijk tot een wereldoorlog uitgroeide.

3) p.10: De aantallen slachtoffers die deze landen in de eerste wereldoorlog te betreuren hadden waren vele malen groter dan in de Tweede.

Een onjuiste bewering. In de tweede wereldoorlog vielen er veel meer slachtoffers zoals duidelijk is gebleken uit de officiële statistieken.

4) p.15: De oorlog was gevoerd om een einde aan de oorlog te maken- en om de wereld veilig voor democratie te maken.

Iemand die zich intensief met de Eerste Wereldoorlog bezig houdt weet dat dit onzin is. De oorlog werd gevoerd uit economische motieven, powerplay, gebiedsuitbreiding, nationalisme en andere drogredenen. Edele motieven hadden met de oorlog, voor wat de heren politici betreft, niets maar dan ook helemaal niets te maken.

5) p.36; Op 3 augustus 1914 had Sir Edward Grey het Lagerhuis toegesproken.

Zijn pogingen om door bemiddeling de oorlog te voorkomen waren mislukt.

De bemiddelingspogingen van Grey waren in werkelijkheid schijnpogingen die of steeds te laat kwamen of slechts herhalingen waren van eerder door anderen reeds afgewezen voorstellen. Op 20 juli i914, na de moord op de Oostenrijkse aartshertog Franz Ferdinand, deed Grey zijn eerste voorstel tot het houden van directe besprekingen tussen Rusland en Oostenrijk-Hongarije. Dit overigens logische voorstel werd echter met kracht van de hand gewezen door de Franse president die telegrafeerde dat hij er tegen was en een gesprek tussen beide landen zeer gevaarlijk achtte. Tussen 24 en 25 juli zond Grey zijn tweede bemiddelingsvoorstel, ditmaal aan St.Petersburg.(BD 132, telegram Grey aan Buchanan 25-7-14 te 14.15 p.m.) Hij stelde daarin voor dat Engeland, Frankrijk, Duitsland en Italië samen een bemiddelingspoging zouden ondernemen. Duitsland reageerde positief (BD 145 26 juli 1914))

Tegelijkertijd ontving Grey echter een memorandum van zijn ambtenaren luidend:

The moment has passed when it might have been possible to enlist French support in an effort to hold back Russia. It is clear that France and Russia are decided to accept the challenge thrown out to them. Whatever we may think of the merits of the Austrian charges against Serbia, France and Russia consider that these are the pretexts and that the bigger cause of Triple Alliance versus Triple Entente is definitively engaged. I think it would be impolite, not to say dangerous for England to attempt to controvert this opinion and to endeavour to obscure the plain issue by any representation at St.Petersburg and Paris. Our interests are tide up with those of France and Russia in this struggle which is not for the possession of Serbia, but one between Germany aming at a political dictatorship in Europe, and the Powers who desire to retain individual freedom (minutes bij BD nr 101 p.81)

Als men zo over de situatie dacht, vanwaar dan nog allerlei bemiddelingspogingen, ook na de 25e.?

Moest Grey voor het oog van de wereld de Britse vredeswil demonstreren of wilde hij, evenals Frankrijk en Rusland tijdwinst realiseren?

Op 25 juli had Grey ook reeds van zijn ambassadeur vernomen dat de Tsaar inmiddels de mobilisatie had goedgekeurd (BD 125 Buchanan to Grey 25 july 1914) en hij wist eveneens dat algemene mobilisatie gelijk stond met de meest definitieve oorlogsdaad.

Derhalve dienen de bemiddelingspogingen van Grey met de grootste omzichtigheid te worden beoordeeld en in dat verband is het dan ook opvallend dat deze in zijn memoires steeds, geheel bezijden de waarheid,

beweert dat al zijn bemiddelingsvoorstellen door Duitsland zouden zijn afgewezen.

Op 26 juli stelde Grey voor om een ambassadeursconferentie te beleggen.Hij kon verwachten dat dit voorstel door Duitsland zou worden afgewezen immers het kwam neer op een tribunaal van Engeland, Frankrijk en Italië, drie landen die nu niet direct als vriend van Duitsland konden worden beschouwd, gericht tegen Duitsland en Oostenrijk-Hongarije en het is duidelijk hoe zo’n conferentie zou zijn afgelopen. Het is niet verwonderlijk dat Duitsland dit voostel inderdaad weigerde maar de weigering wordt vaak aangegrepen om Duitslands “kwade trouw”aan te tonen. Men ziet dan gemakshalve wel over het hoofd dat de Fransen pas na veel aarzelen op de 27e juli een van veel voorwaarden voorziene bevestiging zonden en dat Rusland haar antwoord uitstelde omdat, zoals Sazonov aan Iswolski telegrafeerde: “als een en ander tot doel had om een matigende invloed op Rusland uit te oefenen,hij dat al bij voorbaat afwees omdat men vanaf het begin nu eenmaal reeds een standpunt had ingenomen dat niet meer kon worden gewijzigd”.(Sazonov telegram aan Iswolski nr 1521 dd 27 juli 1914)

Op 28 juli liet Grey weten dat hij het eerder door Duitsland gepresenteerde plan tot het houden van rechtstreekse besprekingen tussen Oostenrijk en Rusland eigenlijk wel beter vond dan zijn eigen voorstel maar hij was toen al op de hoogte van het feit dat dit voorstel door de Franse president was getorpedeerd.

Op 29 juli adviseerde hij dat Oostenrijk dan Belgrado maar zou moeten bezetten maar haar militaire actie dan te staken teneinde de grootmachten de gelegenheid te geven tussen beide landen te bemiddelen.

Dit voorstel was de dag er voor echter ook al door Duitsland gedaan.

Dat voor wat betreft de zo geroemde bemiddelingsvoorstellen van Grey die overigens ook steeds door een der partijen werd afgewezen en vanaf het begin dan ook geen kans maakten.

6) p.36: Het was een morele en volkenrechtelijke verplichting om het kleine België tegen de Duitse agressor te verdedigen (zo betoogde Grey)

Van een volkenrechtelijke verplichting was geen sprake, het verdrag verplichtte België voor eeuwig neutraal te blijven en die neutraliteit werd door de verdragspartners gegarandeerd maar er was geen verplichting die neutraliteit ook gewapenderhand te verdedigen. Tijdens de Frans-Pruisische oorlog van 1870 had Engeland nog aparte verdragen met beide landen gesloten waarin ze vastlegde dat als een van de landen België zou binnenvallen, Engeland aan de zijde van het andere land zich daar tegen zou verzetten. In 1914 werd een dergelijk verdrag niet gesloten Grey gebruikte het argument van de z.g. verplichting om het Britse volk de kans te geven zich vol verontwaardiging achter hem op te stellen toen hij aankondigde dat Engeland nu moreel en wettelijk verplicht was om België te gaan redden.

7) p.36: Toch waren het Moltke en Conrad die misschien het meest tot het uitbreken van de oorlog hebben bijgedragen

Een onjuiste stelling die zo maar wordt geponeerd maar die niet door bewijzen worden onderbouwd.

8) p.40: In mei schreef Arthur Nicolson, de hoogste ambtenaar op het Britse min.van BtZ dat de waarschijnlijkheid van een open conflict tussen Rusland en Duitsland eigenlijk nihil was.

Ook dit is onjuist. Hier is wat Nicolson wel schreef, niet in mei maar in maart;

Germany does fear the possibility, even the probability, that before long she will find herself isolated and in a critical position and Buchanan related German expectations of a worsening of German political power in Europe directly to the irresistible growth of Russian military strength.

9) p.40: Op die ene onbesliste zeeslag in Jutland in 1916 na zou de Duitse vloot dan ook tijdens de oorlog in de haven blijven. De Hochseeflotte, dat kostbare prestige object van het imperiale Duitsland bleek een nutteloos instrument.

Dit komt in het geheel niet overeen met de werkelijke situatie. Koch vergeet dat door de Duitse vloot in de haven te houden ze voor de Britten een blijvend gevaar en dreiging bleef. Ze had, ook binnen liggend dus wel degelijk een nuttige functie. Overigens is het onjuist dat de Hochseeflotte na Jutland alleen nog maar in de havens bleef, Men voer wel degelijk verschillende keren na Jutland weer uit, bombardeerde de Britse kust. Voorts was een ander onderdeel van de Duitse Marine juist uitermate actief. De Duitse onderzeeboten, werden een grote en belangrijke factor in de strijd ter zee en veroorzaakten een crisis in de Britse toevoer van voedsel en brandstof.

Tenslotte onderbouwt Koch zijn bewering dat de Hochseeflotte een kostbaar prestige object van het imperiale Duitsland is geweest in het geheel niet. De Duitse Hochseeflotte werd toentertijd noodzakelijk geacht om te voorkomen dat Duitsland economisch geheel afhankelijk zou worden van Gr.Brittannië. Die afhankelijk had zich reeds ingezet en de economische ontwikkeling in Duitsland had Engeland in veel gevallen al ingehaald waarbij Duitsland meer exporteerde naar voorheen puur Britse exportgebieden dan Engeland zelf. Die ontwikkeling kon door Engeland op elk door haar gewenst moment met behulp van de machtige Britse oorlogsvloot worden gesaboteerd en onderbroken.  Derhalve achtte men het in Duitsland noodzakelijk om een eigen koopvaardijvloot te bouwen en een oorlogsvloot om de buitenlandse aanvoerlijnen te kunnen beschermen en dat was volkomen legaal en ook logisch voor een land dat zich zo snel ontwikkelde.

10) p.44: De Eerste Wereldoorlog zou niet zijn uitgebroken als Princip niet bij toeval in zijn opzet geslaagd was.

Princips daad vormde de aanleiding maar was niet de oorzaak van de Eerste Wereldoorlog. Als Princip niet had geschoten was de oorlog op dat moment mogelijk nog niet uitgebroken maar dan toch zeker wel op een later tijdstip.

11) p.56: Pasic probeerde de aanslag te verhinderen. De Servische ambassadeur waarschuwde de Oostenrijk-Hongaarse regering in algemene termen dat er een aanslag op Fr.Ferdinand gepleegd zou worden. Half juni oefende Pasic nog druk uit op Dimitryevic om de aanslag af te blazen.

Opm; Als Pasic als min.president wist dat Dimitryevic, hoofd militaire inlichtingendienst van Servië en dus zijn ondergeschikte, bezig was met de aanslag en als hij dacht dat die de aanslag nog kon afblazen, hoe kan hij dan stellen dat a; de Servische regering van niets wist, b:waarom gaf hij dan niet gewoon bevel aan Dimitryevic) Overigens, later is gebleken dat de zg waarschuwing van de Servische ambassadeur in Oostenrijk nooit is ontvangen en tenslotte, Pasic had een infiltrant in Dimitryevic’s geheime organisatie “de zwarte hand” en was dus volledig op de hoogte van wat er speelde. Dat wordt ook bewezen door het feit dat later is gebleken dat hij enkele andere ministers, waaronder de minister van educatie Javanovic over de komende aanslag had ingelicht. Pasic en enkele ministers waren dus wel degelijk op de hoogte van de komende aanslag (Krv.Slovenstva.p.64)

12) p.61: Duitsland, het machtigste land op het Europese vasteland liet het lot van zijn land en dat van de rest van Europa door een handjevol Oostenrijkse politici bepalen. Dat is een even merkwaardige als verwijtbare verzaking van de eigen verantwoordelijkheid.

Ook hier vergeet Koch gemakshalve dat Oostenrijk nog de enige bondgenoot was van Duitsland, dat Duitsland zich bedreigd voelde, omcirkeld werd door haar vijandig gezinde staten en ze zich niet meer kon veroorloven haar laatste bondgenoot te verliezen. Voor Duitsland was het gezien de bestaande allianties een absolute must om Oostenrijk als bondgenoot te handhaven. Het is weer zo’n gemakkelijke conclusie die de ernst van de situatie als een bagatel afdoet maar die historisch gezien niet door de beugel kan. Het is een even merkwaardige als verwijtbare ontkenning van de harde werkelijkheid.

13) p.68. Voor Bethmann Hollweg was het dreigen met oorlog echter nog wel een diplomatiek middel.

Koch verzuimt te melden wanneer en hoe Bethmann dan wel met oorlog zou hebben gedreigd. De documenten wijzen heel anders uit en dat zou Koch toch moeten weten!.

14) p.75.Tegen de wens van de Franse opperbevelhebber Joffre, gaf de Franse regering opdracht de Franse troepen tot 10 km van de Frans-Duitse grens terug te trekken om zo geen aanleiding tot gevaarlijke incidenten te geven.

De echte reden voor de 10 km terugtrekking was dat Frankrijk bang was dat als er een door de Fransen veroorzaakt incident aan de grens zou ontstaan, de Britse regering het Britse volk niet meer zou meekrijgen om aan de oorlog te gaan mee doen. Derhalve was alles er op gericht om Duitsland de eerste stap te laten nemen. Dit plan werd echter doorkruist door de beslissing in Rusland om over te gaan tot de algemene mobilisatie.

15) p.76. Daarom had Grey de geheime militaire besprekingen die sinds 1911 tussen de Britse en Franse staven gevoerd werden, gesanctioneerd.

Grey sanctioneerde die besprekingen omdat hij al vanaf het begin een mogelijkheid zag door militaire samenwerking met Frankrijk, Duitsland op de knieën te kunnen krijgen en op die manier van een gevaarlijke handels concurrent af te komen. Overigens werden de geheime militaire besprekingen niet sinds 1911 maar reeds sinds 1905 gevoerd.

16) p.78: De gedeeltelijke mobilisatie was nog steeds bedoeld om Oostenrijk-Hongarije van verdere agressie af te houden, niet om Duitsland te provoceren.

Dat was wel de gedachte van de Tsaar maar die werd,zoals we weten, overruled door Sazonov en de militaire top omdat het Russische leger geen gedeeltelijke mobilisatieplannen gemaakt had. Men kende slechts één plan en dat was de algemene mobilisatie tegen zowel Oostenrijk als Duitsland tegelijkertijd.

17) p.79. Liever dan onvoorbereid te zijn koos Sazonov er voor dan maar als eerste te mobiliseren, ook als dat zou lijken op het uitlokken van oorlog.

Koch acht dat nu ineens een geldige reden? Maar voor Duitsland gold natuurlijk het zelfde? Dat land koos er ook voor, liever dan onvoorbereid te zijn, om te mobiliseren echter met dat essentiële verschil dat ze dat niet als eerste deed maar pas na de Russische en Franse algemene mobilisaties. Toen kwam de opmerking van de Franse generaal Boisdeffre tegen de Tsaar tot vervulling. Die stelde dat:

als men de vijand zou toestaan ’n miljoen man langs de grenzen op te stellen zonder zelf ook te mobiliseren, men zichzelf daarmede elke kans op succes ontzegde (Doc,Diplomatique Francais (1871-1900) nr 461, p.672-682, suppl.report Boisdeffre to Freycinet 18-8-1892)

En kennelijk dacht Duitsland daar net zo over en handelde overeenkomstig.

Ze werd dus dé facto tot mobilisatie gedwongen en zoals we weten, mobilisatie betekende de meest definitieve oorlogsdaad.

18) p.91; Maar het was juist Frankrijk dat zich in de julicrisis het meest terughoudend opstelde door zijn troepen 10 km van de grens terug te trekken en zijn Russische bondgenoten tot voorzichtigheid te manen.

De reden van de 10 km maatregel is reeds toegelicht. Het manen van voorzichtigheid lag toch echt wat anders. Iswolski, de Russische ambassadeur in Parijs stuurde Sazonov een telegram waarin hij er bij hem op aandrong, uit naam van de Franse regering, voorzichtig te zijn en de Algemene Mobilisatie niet al te openlijk te tonen maar dat Rusland gewoon door moest gaan en de mobilisatie mogelijk zelfs kon versnellen. (telegram nr 210 dd 30 juli 1914, Iswolski aan Sazonov)

Iswolski maande tot voorzichtigheid omdat het plan om Duitsland als eerste te laten optreden en zo de schuld voor het uitbreken van de oorlog kon worden toegeschoven, in gevaar kwam door de Russische openlijke algemene mobilisatie. Dat- en dat alleen was de reden van de z.g. Franse terughoudendheid.

19) p.92; In Engeland had nog geen 10% van de mannen van de dienstplichtigen leeftijd een militaire training ondergaan. Engeland had zich niet voorbereid op een grote continentale oorlog omdat het niet van plan was die ook daadwerkelijk te voeren.

Engeland kende in 1914 helemaal geen dienstplicht en het is dan ook onjuist om dit zo te stellen. Wat Koch waarschijnlijk bedoelt is dat nog geen 10% van de Britse mannen militair getraind was. Dat kan juist zijn want Engeland had slechts een klein landleger maar een enorme vloot. Overigens, toch een vreemde bewering want Koch zegt zelf dat Engeland al vanaf 1911 (moet zijn 1905) al militaire besprekingen met Frankrijk voerde, Engeland was ook al vanaf 1906 bezig met een blokkadeplan tegen Duitsland en sloot voorts een geheim marineverdrag met Frankrijk en in 1914 ook met Rusland. Engeland was dus al vanaf het aantreden van Grey intensief bezig zich voor te bereiden op een continentale oorlog en rekende er op dat die ook, door samenwerking met Frankrijk en Rusland,zonder probleem zou worden gewonnen.

20) p.67: De mislukking van de Duitse weltpolitik had geleid tot gevoelens van vernedering,omsingeling en fatalisme.

Het wordt eentonig. Ook dit is weer zo’n uit de lucht gegrepen bewering die niet door de feiten wordt ondersteund. Allereerst was de Duitse weltpolitik in het geheel niet mislukt. Ze was zelfs zo succesvol dat Duitsland Engeland economisch dreigde voorbij te streven. Zo succesvol ook dat dit voor Engeland aanleiding was om haar ‘splendid isolation policy’ op te geven en aansluiting te gaan zoeken bij Frankrijk en Rusland om zich dmv een alliantie van een gevaarlijke economische concurrent te kunnen ontdoen. Bij de Brits-Russische besprekingen te Reval in 1906 werd dit dan ook uitgesproken. Grey schreef aan zijn ambassadeur Spring Rice dat:

I am impatient to see Russia re-established as a factor in European Politics, an entente between Russia,France and ourselves would be absolutely secure. If it is necessary to check Germany, it could be done (Trevelyan. G.M. p.182).

Het mag dan ook geen verwondering wekken dat, mede gezien de enorme Russische militaire inspanningen en de met Franse financiële hulp begonnen aanleg van het Russische strategische spoorwegnet, de openlijke aankondiging dat Rusland in 1917 “gereed zou zijn voor de oorlog tegen Duitsland”, de beslissing van Frankrijk om de dienstplicht to 3 jaar te verlengen, het marineverdrag tussen Frankrijk en Engeland waarbij de Britten hun vloot uit de Middellandse Zee terugtrokken om die in de Noordzee te stationeren en de bescherming van de Franse kust tegen een eventuele Duitse aanval op zich namen, de Fransen hun vloot in de Middellandse Zee brachten zodat de Franse en Britse vloten zo strategische mogelijk werden opgesteld, de bouw door Engeland van ‘s werelds sterkste oorlogsboden, de dreadnought„ de Brits-Russische militaire en marine-samenwerking enz.enz, dat alles was de werkelijke reden voor het Duitse opperbevel om te pleiten voor een preventieve oorlog vóór het te laat zou zijn en Duitsland gedwongen zou worden te vechten op 3 fronten tegelijk tegen Rusland, Frankrijk en Engeland, een oorlog die Duitsland dan, daar was zowel vriend als vijand van overtuigd, absoluut verliezen zou.

Dat en dat alleen was de werkelijke reden en maakte het gevoel van omsingeling realistisch genoeg. Dat had niets te maken met een beweerd mislukken van Duitslands ‘weltpolitik’ maar alles met de kwalijke en agressieve bedoelingen van met name Engeland, Frankrijk en Rusland en dat zou Koch toch echt ook moeten weten.Het is jammer dat dit soort onjuiste interpretaties in Koch’s, verder toch lezenswaardig boek, voorkomen waardoor de historische juistheid onder de maat is gebleven.

J.H.J. Andriessen

overzicht: