Jaarrede 2008

JAARREDEUITGESPROKENDOORDEHEERJ.H.J.ANDRIESSEN, VOORZITTERSSEW, DEOPENINGVANDESTUDIEDAG 2008 GEORGANISEERDDOORDESTICHTINGSTUDIECENTRUMEERSTEWERELDOORLOGISMDEFACULTEITDERHISTORISCHEENKUNSTWETENSCHAPPENVANDEERASMUSUNIVERSITEIT.

 

Hartelijk welkom dames en heren, vrienden en donateurs van de Stichting Studiecentrum Eerste Wereldoorlog, genodigden en gasten.

De jaarlijkse studiedag die wij in samenwerking met de faculteit der historische en kunstwetenschappen van de Erasmus Universiteit organiseren is zo langzamerhand een traditie geworden en de jaarlijks verheugende opkomst toont aan dat ze in een behoefte voorziet.

 

Achter dit spreekgestoelte heb ik de laatste jaren, overigens tevergeefs, bij herhaling gepleit voor nieuw onderzoek door Nederlandse historici naar de oorzaken en schuldvraag van de Eerste Wereldoorlog. Op gevaar af u daarmede te vervelen kom ik toch ook vandaag weer op dit onderwerp terug.

Waarom? Wel. Omdat ik constateer dat over dit onderwerp, schuldvraag en oorzaken nog steeds grote misverstanden bestaan, sterker nog, mensen die toch geacht moeten worden voldoende van deze materie af te weten, blijken zich nog steeds op al lang verouderde visies te baseren en blijven die, in een nieuw jasje gestoken, naar hartelust verkondigen.

Laat ik wat preciezer zijn. Ik maak me ongerust en kwaad als ik zie wat er in het onderwijs op het gebied van geschiedenis en met name op het gebied van de geschiedenis van de Eerste Wereldoorlog geschiedt. Als ik zie dat recent een, overigens hooggeachte Nederlandse historicus in een artikel in een bekend magazine zonder blikken of blozen verklaart dat de Eerste Wereldoorlog een door Duitsland welbewust veroorzaakt conflict is geweest, als ik zie dat die zelfde historicus zich in een zijner boeken afvraagt waarom Duitsland eigenlijk aan Frankrijk de oorlog verklaarde en België binnen viel terwijl die landen toch helemaal niets met de Balkanproblematiek te maken hadden, dat de Duitse obsessie dat het omsingeld was op niets berustte en dat de bewering dat de alliantievorming automatisch inhield dat elke oorlog niet beperkt zou kunnen blijven tot een lokaal conflict, onzin was en als dan een eveneens hooggeacht collega van hem in een overigens veel gelezen boek beweert dat ik citeer; het von Schlieffenplan een aanval inhield op de versterkte oostgrens van Frankrijk maar dit alleen ter afleiding en om de Franse legers in de val te lokken, en weer een andere collega vaststelt dat Rusland in 1914 mobiliseerde uit angst voor een preventieve aanval van Duitsland en dat Engeland al vóór 1914 een officieel bondgenootschap met Frankrijk had gesloten terwijl dat nu juist was wat de Britse regering ten koste van alles wilde voorkomen, enz. enz. als dat soort stellingen op dat niveau worden gelanceerd dan mag het natuurlijk ook geen verbazing wekken dat op lager niveau nog veel meer onzin wordt verkocht

Ik refereer dan aan de examenstof geschiedenis HAVO/VWO, naar ik aanneem toch samengesteld onder supervisie van het ministerie van onderwijs, waarin men ondermeer kan lezen, geloof het of niet, dat het Pruisen was dat in 1870 de oorlog verklaarde aan Frankrijk, dat elk land in 1914 de dienstplicht had ingevoerd of erger dat het Oostenrijk-Hongarije was dat eerder dan Rusland de algemene mobilisatie had uitgeroepen, daarmede een handige draai gevend aan een aspect van de schuldvraag. Allemaal onjuiste informatie die onze vwo leerlingen, mogelijk onze toekomstige historici, vandaag de dag officieel voorgeschoteld krijgen.

Ik weet het, ik maak me met deze kritiek niet populair en mij is wel verweten nogal drammerig te zijn maar ik vraag me toch in alle gemoede af; wordt het niet hoog tijd dat men zich toch eens gaat afvragen of de eigen kennis over oorzaak en schuld nog wel voldoende is om les te geven aan studenten en leerlingen en ook, wordt het dan toch echt niet eens tijd om na te gaan of nieuw onderzoek naar de oorzaken en schuldvraag toch niet aan te bevelen zou zijn?

Daarom pleit ik ook vandaag weer, als een roepende in de woestijn, voor zo’n nieuw onderzoek (Mogelijk een mooi object voor het NIOD zodat er een eind komt aan de misvattingen die over deze periode nog steeds bestaan en die, wat erger is, in onze onderwijs instellingen kennelijk nog steeds voortleven waardoor onze studenten bij een aantal instellingen dus volstrekt onjuiste informatie krijgen toegediend. In mijn ogen toch een ernstige missive!

 

Gelukkig zijn er ook nog plezierige zaken te melden.De interesse in de Eerste Wereldoorlog en alles wat daar mee te maken heeft, neemt nog steeds toe en wij prijzen ons dan ook gelukkig te kunnen vaststellen dat onze stichting daar een niet onbelangrijk steentje aan heeft kunnen bijdragen. Ook de interesse bij Nederlandse historici en auteurs om in de Serie De Grote Oorlog, Kroniek 1914-1918 te publiceren is nog steeds groot en het feit dat wij hier vandaag al het 17e nummer in deze serie kunnen presenteren toont aan dat onze stichting daarmede in een duidelijke behoefte voldoet en wij er daarmede in slagen om een platform bieden aan historici maar ook aan studenten om hun kennis op dit gebied met anderen te delen.

Van de toenemende interesse getuigt voorts het aantal boeken dat van de hand van Nederlandse auteurs de afgelopen periode weer is verschenen zoals bijv. het boek van Maurits Becker over Ata Turk, De Eerste Wereldoorlog door Nederlandse ogen van Menno Wielinga, mijn eigen boek over Wilhelm II, de herdruk van Zacht en Eervol van Leo van Bergen en het boek Wilhelm II, admiraal van de Atlantische Oceaan van Graddy Bovene.a.

 

Onze Stichting was het afgelopen jaar weer druk doende de Eerste Wereldoorlog bij een groot publiek onder de aandacht te brengen.

Zo organiseerden wij naast de studiedag in september een aantal lezingen in den lande, organiseerden wij een studiereis naar de forten van Luik, assisteerden wij bij de organisatie van een nascholingscursus voor geschiedenisleraren te Utrecht, gingen op internet in discussie met de opstellers van de examenstof HAVO/VWO voor het geschiedenisexamen 2008/2009 waarover ik hier reeds meldde, opende wij een nieuwe website www.ssew.nl, publiceerden we 3 nieuwsbrieven voor onze donateurs en werken we collegiaal samen met het Forum Eerste Wereldoorlog dat nu al zo’n kleine 1800 leden telt.

 

In ons bestuur traden enkele wijzigingen op. Het bestaat thans naast ondergetekende uit lt.kol.b.d H.van der Zande (penningmeester) Drs.T.Sas (secretaris), Dr.PM.Kraaijestein (lid) Dr.P.Pierik (lid) en Ir.E.Wils (lid en reiscoördinator)

In de Raad van Advies trad dr.Kraaijestein af en zijn plaats werd ingenomen door prof.dr.H.Klemann die ook de plaats als voorzitter van de scriptie beoordelingscommissie oveneemt van Prof.dr.P.Romijn.

 

Onze stichting startte ook een nieuw project , een onderzoek naar de mogelijkheid het nimmer plaatsgevonden hebbende proces tegen keizer Wilhelm II te Versailles alsnog te gaan voeren. We hebben daartoe een team van juristen en historici bijeen gebracht om dit project te realiseren en ik kan u met genoegen mededelen dat de projectgroep inmiddels drie zittingen achter de rug heeft en goede voortgang maakt

 

Nadat onze commissie Musea enkele jaren geleden hiertoe adviseerde smaken wij nu het genoegen te vernemen dat het Rijksmuseum Huis Doorn op 29 mei de semi-permanente expositie genaamd „De keizer en Europa” zal openen. Hiermede wordt de laatste Duitse keizer in een Europese context geplaatst en wordt aandacht besteed aan de Belle Epoque, de Eerste Wereldoorlog waarin Wilhelm toch een zeer belangrijke rol speelde en het interbellum.

Wij prijzen ons gelukkig aan deze verandering van hun museale beleid een bescheiden aanzet te hebben mogen geven.

 

Rest mij dames en heren de Faculteit der Historische en Kunstwetenschappen van de Erasmus Universiteit van harte te danken voor de uitermate prettige samenwerking en niet in het minst ook voor de zeer bereidwillige medewerking en inzet daarbij van onze dagvoorzitter, Prof.Hein Klemann’

Ik dank u voor uw aandacht.

overzicht: