Interneringszegels

Tegen het einde van 1914 kreeg het neutrale Nederland een grote stroom van ,voornamelijk, Belgische vluchtelingen te verwerken. Na de beschieting van Antwerpen (7 oktober 1914) groeide dit aantal tot vele honderdduizenden. Onder hen meer dan veertigduizend Belgische militairen. In eerste instantie werden de vluchtelingen ondergebracht in leegstaande en niet meer gebruikte kazernes. Toen het aantal bleef groeien werd uitgeweken naar tentenkampen, maar met de naderende winter was dit geen definitieve oplossing. Het ministerie van oorlog, onder leiding van minister Bosboom gaf de opdracht tot de bouw van semi-permanente barakkenkampen. Deze werden opgericht in tal van plaatsen, waarvan Zeist, Harderwijk en Oldebroek wel de bekendste zijn. In 1916 werd besloten dat geïnterneerden twee brieven of twee briefkaarten per maand portovrij konden verzenden. Daartoe werden zegels gedrukt zonder waardeaanduiding. Overigens moest men wel betalen voor deze zegels, 1 cent per twee stuks. De zegels werden normaal afgestempeld, maar kregen ook een speciaal stempel met de tekst:¨Portvrij/Franc de port/Militaires etrangers internes dans les Pays-Bas¨. De brieven werden via Duitsland verzonden, maar al spoedig geweigerd door de Duitse censuur. Deze ging er van uit dat men onder de relatief grote zegels geheime boodschappen kon schrijven. Al na enkele maanden werden de zegels vervangen door briefkaarten met antwoordkaart , welke zonder zegel verzonden konden worden. Van deze zogenaamde ‘interneringszegels’ zijn er twee bekend. De groene zegel is daadwerkelijk gebruikt. Onderstaande afbeelding toont een brief welke door de censuur terug werd gestuurd.

Enveloppe met interneringszegel

De reeds gedrukte bruine zegels werd nooit in gebruik genomen. Deze was oorspronkelijk bedoeld voor de portvrije verzending in de maand maart 1916.

 

interneringszegel

Auteur: Arie Rombout - ar.rom@planet.nl

bron: Museum voor Communicatie, den Haag

overzicht: