The International Peace Movement during the First World War

(in and around the Dutch Anti-War Council 1914-1919, its mediatory work for a speedy peace, its Central Organisation for a Durable Peace)

 

Auteur: W.H. van der Linden

Uitgeverij: Tilleul Publications, Paukenstaat 44,  1312 WN, Almere

Jaar: 2006,

1111 blz., dubbel formaat blz.

 

Algemeen:

Een verbijsterend goed en opmerkelijk boek over een onderwerp dat in Nederland bij de meeste historici onbekend is en waarover helaas veel te weinig is geschreven.

Van der Linden heeft in 8 hoofdstukken op uitputtende wijze niet alleen de rol van de Nederlandse vredesbeweging(en) op indringende wijze beschreven, zijn studie getuigt ook van diepgaand en uitermate gedegen wetenschappelijk onderzoek.

Hij beschrijft de Nederlandse vredesbeweging en de plaats die zij in Nederland innam maar legt er de nadruk op dat haar hoofdactiviteit een internationaal karakter had. Ze werkte immers nauw samen met de vredesbewegingen in Zwitserland, Noorwegen, Zweden, Amerika, Duitsland, Oostenrijk-Hongarije.Engeland, Frankrijk, Italië en België.

 

Van der Linden refereert regelmatig aan vooroorlogse gebeurtenissen, ontwikkelingen, concepten en gewoonten en gaat daarbij zeer grondig te werk.

De lezer krijgt een duidelijk beeld, niet alleen van de activiteiten van de Nederlandse Vredesbeweging in de Eerste Wereldoorlog en van de vele activiteiten die daarbij werden ondernomen om tot vrede te komen, ook krijgt hij inzicht in de pogingen welke op andere wijze werden gerealiseerd om de strijdende partijen tot vrede te bewegen, de vredesinitiatieven van Duitsland zelf, de rol van de Amerikaanse president, de vredespogingen van het Vaticaan, de beslissing tot deelname aan de oorlog door de Amerikanen, de Russische revolutie, de vrede van Brest Litovsk van maart 1918, het 14-punten vredesprogramma van president Wilson, de reactie daarop van de geallieerden, het vredesverdrag van Versailles en tot slot; het eind van de vredesbewegingen in 1919.

Ook kan men zich een goed beeld vormen van de verschillende verdragen die reeds vóór de oorlog werden gesloten zoals o.a de Haagse Conventies en het verdrag van Genéve.

 

Van der Linden geeft voorts nog een aantal interessante bijzonderheden. Zo verwijst hij bijvoorbeeld naar artikel 3 van de Haagse Conventie betreffende de ‘Laws and Customs on War on Land’ en laat zien dat dit artikel werd aangenomen op voorstel van Duitsland, dat dezelfde Conventie het transport door neutrale landen van munitie en wapens tbv een der belligerenten niet verbood, (art 7) en voorts wijst hij er op dat toen in januari 1915 de Engelse vertaling verscheen van het Duitse ‘War Book’ dit vergezeld ging van een uitermate onbetrouwbaar voorwoord door Prof.Morgan, professor of Constitutional Law at University College London die het ‘War Book’ boek in een totaal verkeerd licht stelde.

Van der Linden verwijt voorts Barbara Tuchman die in haar „guns of  August” o.a Morgan citeert waar die een tekst uit het ‘War Book’vertaalt als;”The putting on of enemy uniforms and the use of enemy or neutral flags or insignia with the aim of deception are declared permissable”. Tuchman geeft dan als commentaar: „As the official embodiment  of German thinking on these matters , the ‘Kriegsbrauch”(War book) was considered to supersede Germany’s signature on The Hague Regulations of which artrcle 23 prohibited the use of disguise in enemy colors”. In werkelijkheid echter  eindigt de gecireerde zin uit het ‘Duitse War Book”niet bij het woord ‘permissable’. maar gaat verder met; ‘by the theory of the Laws of War while the military writers have expressed themselves against them, The Hague Conference has adopted the latter view in forbidding the emplyment of enemy’s unifoms and military marks  equally  with the misuse of flags of truce and of the Red Cross” en dat is natuurlijk wel heel wat anders.

 

„The International Peace Movement during the First World War’ is een boek dat gezien z’n omvang niet direct tot aanschaf en lezen noopt. Dat te denken is echter een grote misvatting.

Het boek behandelt op uitermate lezenswaardige wijze een omvangrijk en uiterst interessant onderwerp waarover in ons land veel te weinig bekend is, een onderwerp ook dat op onze universiteiten en hogescholen en door historici veel te weinig aandacht heeft gekregen.

Van der Linden verdient de hoogste lof, niet alleen voor zijn studie over dit onderwerp waaraan hij vele jaren heeft besteed, maar ook voor de uitermate duidelijke en grondige uiteenzettingen waarbij welhaast geen enkel facet over het hoofd is gezien en waadoor hij een wetenschappelijk verantwoorde, zeer interessante en waardevolle bijdrage heeft geleverd aan een stuk Nederlandse- maar ook wereldgeschiedenis dat tot nog toe slechts bij zeer weinigen was.

„The International Peace Movement during the First World War”zou tot verplichte literatuur verklaard moeten worden bij de studie „Geschiedenis”op onze universiteiten .

 

J.H.J. Andriessen

Voorzitter Stichting Studiecentum Eerste Wereldoorlog

overzicht: