Column Historisch Nieuwsblad (Opinie)

In het Septembernummer van het ‘Historisch Nieuwsblad’ las ik de interessante column van Maarten van Rossem waarin hij 2 columnisten van de Washington Post citeerde. Die waren van mening dat het uitbreken van de vijandelijkheden tussen Israel en Herzbollah te vergelijken is met het begin van de Eerste Wereldoorlog. Van Rossem is het met deze vergelijking volstrekt oneens en geeft daarvoor enkele argumenten. Zo stelt hij kortweg en zonder omwegen vast, dat de Eerste Wereldoorlog een door Duitsland welbewust veroorzaakt conflict is geweest. Dat is een bewering die ik niet voor mijn rekening zou willen nemen.

Er is geen enkel bewijs dat Duitsland die oorlog heeft uitgelokt als onderdeel van een vooropgezet plan. Tot 6 juli 1914 heeft Duitsland er alles aan gedaan om een oorlog tussen Servië en Oostenrijk-Hongarije te voorkomen en heeft zich ook verzet tegen de druk van Oostenrijk-Hongarije om een besluit om over te gaan tot zo’n oorlog, te dekken. Pas na de moord op Franz Ferdinand werd het duidelijk dat een conflict niet meer was te voorkomen al hoopte men ook toen nog dat het gelokaliseerd zou kunnen blijven. Dat blijkt o.a. ook uit het telegram dat de Duitse Rijkskanselier nog op 21 juli naar de ambassadeurs in Parijs en Petersburg zond waarin hij hen meldde dat de Duitse regering lokalisering van het conflict nastreefde en dat, gezien het vigerende alliantie systeem, inmenging van derden moest worden voorkomen ‘omdat dit tot zeer ernstige consequenties zou kunnen leiden’.

Van Rossem gaat voorts merkwaardigerwijs geheel voorbij aan de rol die Frankrijk, Rusland en Gr. Brittannië bij het ontstaan van het conflict hebben gespeeld, een conflict waarbij zij alle belang dachten te hebben.

Het was niet Duitsland dat bemiddelingspogingen negeerde zoals van Rossum stelt. Nog op 20 juli kwam er een voorstel van Grey tot het houden van directe besprekingen tussen Rusland en Oostenrijk-Hongarije. Dit voorstel werd door Duitsland geaccepteerd maar door Poincaré, de Franse president, met kracht van de hand gewezen. Deze telegrafeerde, zodra het voorstel hem ter ore kwam, dat hij een dergelijk gesprek volstrekt afwees en het zeer gevaarlijk achtte. Een tweede voorstel van Grey tussen 24 en 25 juli waarin hij voorstelde dat Engeland, Frankrijk, Duitsland en Italië samen een bemiddelingspoging zouden ondernemen werd eveneens door Duitsland aanvaard maar nu zowel door Rusland als door Frankrijk afgewezen. Ook het verzoek van Grey op 25 juli, aan Duitsland om bij Oostenrijk-Hongarije op matiging aan te dringen, werd door Duitsland gehonoreerd al ging dit inderdaad niet meer geheel van harte.

Dat verzoek van Grey kwam dan ook wel in een wat vreemd licht te staan als men bedenkt dat zijn ministerie toen al besloten had dat de interesse van Gr. Brittannië niet bij Duitsland, maar bij Frankrijk en Rusland lag en dat Engeland er derhalve beter aan deed niet meer te proberen om Rusland of Frankrijk tot matiging aan te moedigen. Dat ook Frankrijk geen interesse in het handhaven van de vrede had blijkt wel uit het telegram dat Iswolski naar Petersburg zond waarin hij seinde dat; ‘de Franse minister van oorlog adviseerde dat Rusland (naar buiten toe) zou kunnen verklaren bereid te zijn de mobilisatie maatregelen in het belang van de vrede te vertragen maar dat dit niet hoede te betekenen dat Rusland dat ook daadwerkelijk zou doen, ja, men zou de mobilisatie zelfs kunnen versnellen zolang maar werd voorkomen dat er grote troepenverplaatsingen zouden kunnen worden opgemerkt’. En tenslotte: het was in 1914 een door alle grootmachten geaccepteerd feit dat het uitroepen van de algemene mobilisatie gelijk stond aan de meest definitieve beslissing tot het starten van de oorlogshandelingen en het was Rusland -en niet Duitsland- dat als eerste land die algemene mobilisatie uitriep.

Het was ook Rusland dat als eerste Oost-Pruisen binnenviel en niet andersom. Het von Schlieffenplan was in Rusland, Parijs en Londen bekend en men wist dat een algemene mobilisatie van Rusland gevolgd moest worden door mobilisatie in Duitsland en dus definitief de oorlog zou inluiden. Het was Rusland dat het risico van die oorlog welbewust nam en dus ook welbewust het conflict heeft veroorzaakt. De stelling van van Rossem is naar mijn mening dan ook veel te kort door de bocht en historisch gezien niet vol te houden.

J.H.J. Andriessen

overzicht: