Brief 1916-06-08 antwoord van Auguste aan Berthe

Onderstaande brief is het antwoord (weerwoord) van Auguste Chanson op de brief van zijn vrouw Berthe, d.d. 4 juli 1916, waarin ze hem beschuldigt eventueel maar raak te leven tijdens een rustperiode in het leger. Het blijkt dat hij haar zijn afschuwelijke oorlogservaringen wilde besparen.

 

De 8ste juni 1916, om 8 uur ‘s avonds

 

Mijne lieve Berthe

 

Ik heb vandaag je twee brieven ontvangen. Ik moet je zeggen dat ik gelukkig was toen men ze me bracht, maar dat ik dat bepaald niet was toen ik zag (las) dat je me veroordeelt. Ondanks dat je me hevig gekwetst hebt, vergeef ik je, maar weet hier wel dat ik een vader ben en echtgenoot ver (verwijderd) van hen die ik liefheb en van wie ik nooit geloofd zou hebben te worden bekeken als een slappeling (lafaard) en een vader zonder hart.

Ik ben in Commercy geweest. Ja, ik heb er geslapen dat is waar; immers dat wil je toch weten? Je zult me (daarover) veroordelen.

Toen we rust kregen in Boncourt en we de loopgraven verlieten, heb ik je één ding niet gezegd. Een granaat is vlak bij mij gevallen, iets wat ik je niet wilde zeggen. Ik was hevig geschokt, het is niet niks.

Welnu, de commandant heeft me zes dagen gegeven om uit te rusten (vervolg op bladzijde twee van de brief) en omdat hij een kamer heeft in Commercy, ben ik er met de ordonnans naar toegegaan om (er) die tijd door te brengen want ik heb verscheidene dagen als een beest geleefd. Ik ben (er) twee keer geweest en toen heb ik met hem (de ordonnans) in een paardenstal geslapen.

Ben ik dan tekortgeschoten in mijn plicht als vader en echtgenoot? Op een dag heb ik Cornette opgezocht op een holle weg vlakbij Bencourt en hij is zelfs met mij meegekomen naar Bencourt en we hebben een liter (wijn) gedronken. Alleen, ik heb niet met hem over de granaat gesproken die vlak bij mij gevallen is; immers jij wist niets van de omstandigheden.die je wilde (horen).

Beste Berthe, ik ken je ruimdenkende hart, maar als je denkt dat je me geld stuurt voor zo’n lafhartige zaak waarvan je me beschuldigt, stuur me dan niets meer. Ik geef er dan de voorkeur aan om in mijn droefheid te leven en in mijn ellende.

Liever dan te weten dat zij van wie ik hou, twijfels over mij heeft. Ik spreek tegen je volgens wat mijn hart me ingeeft (rest aan de zijkant van de brief). Maar mijn beste Berthe, ontvang toch twee zoenen van degene die van je houdt en van wie je zijn liefde nog niet kent.

 

A. Chanson

 

 

 

overzicht: