Aankondiging studiereis op 22-25 september 2011 “Naar de Marne waar de beslissingen vallen”

De Stichting Studiecentrum Eerste Wereldoorlog is voornemens om, bij voldoende aanmeldingen, in samenwerking met het cultureel-historische reisbureau Historizon van donderdag 22 september tot en met zondag 25 september 2011 een vierdaagse studiereis naar Château-Thierry aan de Marne te organiseren.

Het was aan de Marne dat tweemaal een keerpunt in de strijd aan het Westelijk Front plaatsvond. In september 1914 werd het Duitse leger door de Fransen hier tegengehouden en was de kans op een snelle Duitse zege verkeken. Bijna vier jaar loopgravenoorlog volgde. In het voorjaar van 1918 lanceerden de Duitsers een serie aanvallen om de oorlog alsnog in hun voordeel te beslissen. Op 27 mei 1918 vond de derde aanval plaats tegen het Franse leger en stonden de Duitsers wederom aan de Marne. Er volgde een maandenlange strijd die het Franse leger met behulp van hun bondgenoten – Amerikanen, Britten en Italianen – uiteindelijk in hun voordeel wist te beslissen. Een keerpunt in de strijd van 1918 die uiteindelijk tot de Duitse nederlaag leidde.

De studiereis richt zich voornamelijk op de strijd aan de Marne in de zomer van 1918. Een strijdtoneel waar ook het Amerikaanse leger voor het eerst massaal slag leverde. Deelname aan deze studiereis zal derhalve een goed inzicht verschaffen in de gevechten in dit gebied waar de geallieerde overwinning begon.

 

 

De Franse beeldengroep Les Fantômes de Landowski voor de overwinning aan de Marne.

 

Korte beschrijving van de strijd aan de Marne in 1918

Het Duitse leger opende op 21 maart 1918 zijn grote offensieven aan het Westelijk Front. Twee offensieven gericht tegen de Britten in maart en april 1918 hadden grote uitstulpingen gecreëerd in het front richting Amiens en rond Armentières. Op 27 mei 1918 lanceerde generaal Ludendorff zijn derde offensief, met de codenaam Blücher, gericht tegen de Fransen aan de Chemin des Dames tussen de steden Reims en Soissons.

De eerste dag resulteerde in een ongekende Duitse opmars van circa 20 km. Doordat de bruggen niet opgeblazen waren, werd de rivier de Aisne snel overgestoken. De volgende dagen verliep de opmars trager, maar begin juni 1918 stond het Duitse leger na bijna vier jaar weer aan de Marne en was blijkbaar nu wel onafwendbaar op weg Nach Paris. Op 2 juni had het Franse leger de noordkant van Château-Thierry opgegeven en zich teruggetrokken op de zuidelijke oever van de Marne.

 

 

Het verloop van de strijd aan de Marne van mei tot augustus 1918.

 

 

In mei 1918 beschouwde de Amerikaanse bevelhebber generaal Pershing dat nog slechts enkele van zijn divisies klaar waren voor de strijd. Na topoverleg o.l.v. generaal Foch, in zijn functie als geallieerde opperbevelhebber, werd na dringend verzoek besloten twee Amerikaanse divisies - de 2de en 3de divisie - naar het bedreigde gebied te sturen om de Fransen te helpen de gaten te dichten. De 2de divisie diende de zuidwestkant van de ontstane saillant te verdedigen, terwijl de 3de divisie naar de Marne tussen Château-Thierry en Dormans werd gestuurd om de Duitsers te beletten de rivier over te steken. Beide divisies werden onder het commando van het Franse 6de leger geplaatst.

De Amerikaanse 2de divisie slaagde erin de Duitsers af te stoppen ten zuiden van het Bois de Belleau bij de dorpen Lucy-le-Bocage en Bouresches. Vanuit Lucy-le-Bocage drong de 2de divisie vanaf 6 juni via een serie aanvallen de Duitsers weer langzaam terug. Op 25 juni veroverden de mariniers van de 2de divisie het Bois de Belleau. Dit wapenfeit markeerde het einde van de eerste fase van de strijd.

 

De Duitsers hadden ongeveer een maand nodig om zich te reorganiseren voordat ze op 15 juli hun aanval aan de Marne hervatten. Het op die datum gelanceerde laatste Duitse offensief in 1918 werd doorslagend voor de oorlog en wordt gewoonlijk aangeduid als het begin van de Tweede Slag van de Marne. Maar de Duitse aanval miste de kracht van de eerdere offensieven uit 1918, die echter gepaard waren gegaan met enorme Duitse verliezen. Tegen een miljoen man was gedood, gewond of vermist in de periode van maart-juli 1918.

Op 17 juli werd het Duitse offensief al gestopt en een dag later draaiden de geallieerden de zaak om. Generaal Foch had vanaf het ontstaan van de saillant aan de Marne voortdurend plannen gemaakt voor een tegenaanval. Door alle beschikbare Franse troepen samen te voegen en met een grote Amerikaanse inbreng was het op 18 juli dan eindelijk zover. Er was een waarlijk geallieerde legermacht gevormd omdat ook nog twee Italiaanse en vier Britse divisies meestreden.

Het Franse 10de leger van generaal Mangin opende de aanval aan de noordkant van de saillant bij Villers-Cotterêts. Daar lag de kwetsbare flank van de Duitsers na hun opmars richting de Marne. In het Forêt de Retz had Mangin zijn strijdmacht verzameld bestaande onder andere uit de Marokkaanse divisie en de Amerikaanse 1ste en 2de divisie. Door taaie Duitse tegenstand verliep de geallieerde aanval niet snel. Pas op 28 juli kwam de vitale weg tussen Soissons en Château-Thierry volledig in geallieerde handen.

Op 21 juli stak het Franse 6de leger de Marne weer over en werd Château-Thierry bevrijd. Door herhaalde aanvallen waren de Duitsers op 27 juli vanaf de Marne ongeveer 10 km teruggeduwd tot de rivier de Ourcq. Tussen de plaatsen Fère-en-Tardenois en Ville-en-Tardenois vormden ze een nieuwe verdedigingslinie waarop de geallieerde aanval zich op 28 juli vastliep. Nieuwe divisies werden vanuit Château-Thierry naar voren gebracht waaronder de Amerikaanse 32ste en 42ste divisie.

Na een hernieuwde aanval op 1 augustus gaf Ludendorff het de dag daarna op en trok zijn troepen geleidelijk verder terug. Op 6 augustus stonden de Duitsers weer waar ze op 27 mei de Aisne en haar zijrivier de Vesle hadden overgestoken. Beide zijden waren uitgeput. Tussen 15 juli en 2 augustus 1918 vielen er 110.000 Duitse en 160.000 geallieerde slachtoffers (gedood, gewond en vermist).

Het keerpunt in de oorlog voor de geallieerden was echter bereikt, vanaf augustus trokken de Duitsers zich alleen nog maar terug. De dreiging dat Parijs zou vallen was voorbij en het verdere verloop van de oorlog werd niet meer door Ludendorff gedicteerd. Het zou echter nog vele slachtoffers kosten voordat de Duitsers het op 11 november 1918 definitief opgaven.

 

Het reisprogramma

Het voorlopige reisprogramma is hieronder weergegeven. Nadere reisinformatie met een gedetailleerd tijdschema wordt verstrekt in een reisbrief aan de deelnemers nadat door het bestuur van de Stichting en het reisbureau Historizon is besloten of de studiereis doorgaat. Tijdens de reis worden lezingen gehouden en worden de deelnemers voorzien van een uitgebreid informatiepakket.

 

Donderdag 22 september 2011

De eerste dag wordt grotendeels besteed aan de reis met de volgende bijzonderheden:

  • Vertrek om 9 uur stipt vanaf Utrecht P&R Walraven. Op telaatkomers zal niet gewacht worden.

  • Tocht per luxe touringcar richting Château-Thierry met onderweg stops voor een koffiepauze en lunch.
  • In de bus o.a. een lezing over de strijd aan de Marne in de zomer van 1918.
  • Wanneer de reis voorspoedig verloopt dan wordt Compiègne aangedaan om het Clairière de l’Armistice te bezoeken met de beroemde wagon (een replica) waar de wapenstilstand van 11 november 1918 werd ondertekend.
  • Verblijf in een hotel in Château-Thierry met ’s avonds een gezamenlijk diner.

 

Vrijdag 23 september 2011

Het programma start om 9 uur en wordt gewijd aan de Amerikaanse strijd in Belleau Wood van juni 1918, de strijd om Château-Thierry en aan de Franse strijd aan de Marne in juni-juli 1918. Het programma wordt ’s middags onderbroken met een lunch in een restaurant. De volgende locaties worden bezocht:

  • De opmars van de Amerikaanse 2de divisie via de dorpen Lucy-le-Bocage en Bouresches naar Belleau.
  • Het park Belleau Wood aangelegd ter herdenking van de strijd van de Amerikaanse mariniers van de 2de divisie.
  • De Amerikaanse Aisne-Marne begraafplaats.
  • De Duitse begraafplaats Belleau.
  • Het dorp Belleau met diverse kleine monumenten en het Musée de la Mémoire de Belleau 1914-1918.
  • Het grote Amerikaanse Aisne-Marne monument op Cote 204 even buiten Château-Thierry.
  • Wandeling door Château-Thierry met o.a. het monument voor de Amerikaanse 3de divisie, ‘The Rock of the Marne’ en de vermeende resten van het vliegtuig van Quentin Roosevelt in het stadhuis.
  • De Franse begraafplaats Les Chesnaux ten noorden van Château-Thierry.
  • Het Mémorial des batailles de la Marne 1914-1918 in Dormans, het religieuze monument ter herdenking van de slagen aan de Marne.

Aan het einde van de middag terug naar het hotel in Château-Thierry met ’s avonds een gezamenlijk diner.

 

Zaterdag 24 september 2011

De derde dag start om 9 uur en wordt gewijd aan de Tweede Slag om de Marne die begon op 15 juli 1918 met een Duitse aanval en werd vervolgd op 18 juli met een Franse tegenaanval. Het programma wordt ’s middags onderbroken met een lunch in een restaurant. De volgende locaties worden bezocht:

  • Het Forêt de Retz, ten noorden van de stad Villers-Cotterêts, met de Mont Mangin waar generaal Charles Mangin op 18 juli 1918 de Franse tegenaanval leidde.
  • Het monument voor kapitein Joost van Vollenhoven van de Marokkaanse divisie bij Longpont in het Forêt de Retz, die daar op 19 juli 1918 sneuvelde.
  • Britse monumenten in het Forêt de Retz.
  • De opmars van de Amerikaanse 1ste en 2de divisie en de Marokkaanse divisie richting Buzancy aan de weg tussen Soissons en Château-Thierry.
  • Het monument van de Amerikaanse 1ste divisie (‘The Big Red One’) te Buzancy.
  • Het monument voor de Schotse 15de divisie, die de aanval van de Amerikanen voorzette, op Buzancy Military Cemetery.
  • De Butte de Chalmont met Les Fantômes de Landowski, het artistieke Franse monument voor de overwinning van de Tweede Slag om de Marne.
  • Meurcy Farm ten oosten van de stad Fère-en-Tardenois met diverse monumenten voor de strijd aan de rivier de Ourcq door de Amerikaanse 42ste (Rainbow) divisie.
  • De Amerikaanse Oise-Aisne-Marne begraafplaats, de tweede in grootte van de Amerikaanse begraafplaatsen uit de Eerste Wereldoorlog. Op de begraafplaats ligt o.a. de dichter Joyce Kilmer van de 42ste (Rainbow) divisie.
  • De Quentin Roosevelt Memorial Fountain in Chamery, de plaats waar hij op 14 juli 1918 met zijn vliegtuig neerstortte.

Aan het einde van de middag terug naar het hotel in Château-Thierry met ’s avonds een gezamenlijk diner.

 

Zondag 25 september 2011

Ook op de vierde dag wordt om 9 uur vertrokken. Op de terugweg richting Nederland wordt ’s morgens een bezoek gebracht aan de volgende twee locaties:

  • Fismes aan de rivier Vesle waar de opmars van de Amerikanen in augustus 1918 stokte. Over de Vesle is een Memorial Bridge voor de Amerikaanse 28ste divisie gebouwd.
  • Het Italiaanse gedenkpark en begraafplaats bij Bligny, ten westen van Reims. Er liggen 5.000 Italianen die in de periode van april tot november 1918 sneuvelden onder Frans commando.

In de loop van de ochtend wordt vertrokken naar Nederland met onderweg stops voor de lunch en een diner in een wegrestaurant. Naar verwachting wordt rond 20 uur in Utrecht P&R Walraven aangekomen.

 

Inschrijving

 

De studiereis wordt geleid door de reiscoördinator van de Stichting, de heer Eric R.J. Wils, die ter plekke uitleg zal geven. Het organisatorische deel van de reis (aanmeldingen, busvervoer, hotelreserveringen, museumbezoek, maaltijden, e.d.) wordt verzorgd door het cultureel-historische reisbureau Historizon (zie www.historizon.nl).

Teneinde deze reis definitief te realiseren is van belang vast te kunnen stellen hoe groot de belangstelling is. Er is een maximum aan hetaantal deelnemers en het is daarom van belang om zo snel mogelijk uw interesse te tonen. De kosten van deze reis bedragen € 539 p.p. op basis van een tweepersoonskamer (toeslag eenpersoonskamer € 80).

In de reissom is inbegrepen het vervoer per luxe touringcar, drie hotelovernachtingen in een goed hotel in Château-Thierry, alle maaltijden en bezoeken aan locaties. Niet inbegrepen zijn een persoonlijke reisverzekering, extra consumpties of andere privé-uitgaven.

 

Laat dus zo spoedig mogelijk en wel voor 1 juli 2011 weten of u interesse heeft aan deze reis deel te nemen. U kunt dat per e–mail of per post doen onder vermelding “SSEW Studiereis Marne” naar de volgende adressen:

 

E-mail: Klik hier.

Postadres: Historizon

Postbus 283

2160 AG Lisse

 

Het bestuur van de Stichting Studiecentrum Eerste Wereldoorlog meent dat ook deze studiereis interessant is en roept u op tot een snelle beslissing, zodat begonnen kan worden met de definitieve voorbereiding van de reis.

Zodra duidelijk is of er voldoende belangstelling bestaat en de reis kan doorgaan, ontvangt u nader bericht. U wordt dan tevens verzocht voor 15 juli 2011 een aanbetaling te doen van € 50 p.p. ter bestrijding van de voorbereidingskosten, een som die niet zal worden geretourneerd mocht u in september alsnog besluiten van de studiereis af te zien. Voor 15 augustus 2011 zal de rest van de volledige reissom voldaan moeten zijn.

overzicht: