1916, week 40 Duitsche mobiele reserves

Vanuit Frankrijk wordt getwijfeld aan de strategische reserves van de Duitsers. Doordat de Duitsers hun soldaten in snel tempo van het ene naar het andere front verplaatsten, ontstond een soort vliegende brigade, die overal inzetbaar was. Zo kon het zijn dat een divisie eerst aan de Somme werd aangetroffen en slechts enkele weken later aan het Oostfront. Dat dit ten koste ging van de rust en het herstel van de soldaten, mag voor zich spreken. Als compensatie werden steeds jongere lichtingen opgeroepen om dienst te doen in het leger.

LONDEN, 2 October. (Reuter.) Uit het Fransche hoofdkwartier wordt het volgende gemeld: Daar de Duitschers niet meer over werkelijke strategische reserves beschikken zijn zij genoodzaakt hun ongelukkige soldaten van het eene slagveld over te brengen naar het andere, en van den eenen kant van Europa naar den anderen, zonder hun behoorlijken tijd tot rusten en bijna zonder hun een oogenblik om uit te blazen te gunnen. Door deze methode van versterkingen tot het uiterste toe te passen, schijnen de Duitschers er in te zijn geslaagd, een soort vliegende reserve te vormen van een dozijn divisies, die nu eens aan de Somme of bij Verdun, dan weer bij Galicië opduiken, al lijkt het er ook op, dat de dag waarop troepen kunnen worden afgestaan aan, het westelijke front om naar Galicië of Roemenië overgebracht te worden, al voorbij is.

Vast staat, dat twee Duitsche divisies van welke er één reeds van de Somme vertrokken was naar het Oostelijke front, terwijl de andere gereed stond om met dezelfde bestemming, op den trein te gaan, werden teruggeroepen om den Engelsch-Franschen Aanval van 12—15 Juli te weerstaan.
Hoe weinig rust de Duitschers krijgen, blijkt uit het lot van de 121ste divisie, die op 15 Maart uit een benarde positie in het Priesterbosch was teruggenomen om bij Verdun te gaan vechten. De divisie bleef voor Verdun, tot den 20sten April en nam daar aan tegenaanvallen deel. Na een paar weken in reserve te zijn gehouden, dook de divisie op bij het begin van het offensief der geallieerden aan de Somme en werd den lsten Juli bij Mereaucourt zwaar geteisterd. Den 12den Juli vocht de divisie nog aan de Somme; maar den 29sten werd een van de regimenten van de divisie geïndentificeerd aan het Oostelijke front, in de buurt, van Luzk.

Tal van dergelijke voorbeelden zouden kunnen worden gegeven. Het is aan den Franschen staf bekend, dat elke week gemiddeld 24 Duitsche divisies van de eene plaats naar een andere worden overgebracht. Hoe slecht dit onafgebroken, met spoed overbrengen van het eene teleurstellende slagveld naar een ander en even teleurstellend slagveld voor de zenuwen van de soldaten is, is makkelijk te begrijpen. Een systematische classificatie van de Duitsche en Oostenrijksch-Hongaarsche soldaten, op de verschillende fronten gedood of gevangen genomen, schijnt aan te toonen, dat elk der centrale rijken op hel oogenblik niet meer dan drie reserve-divisies bezit.

Bovendien zijn er overvloedige bewijzen, dat de Duitsche lichting van 1916 reeds in de vuurlinie is. De jongelingen van de lichting 1917, die einde 1915 waren opgeroepen, zijn slechts drie maanden in de kazerne geweest; en reeds in Juli zijn sommigen van hen aangetroffen bij regimenten, die op het Westelijk front vechten. De Duitschers hebben, gewaarschuwd door de vreeselijke slijtage aan manschappen bij Verdun en aan de Somme, reeds in Juni en Juli van dit jaar een begin gemaakt met de inlijving der lichting 1918. De gemiddelde leeftijd van de soldaten van deze lichting, die klaarblijkelijk bestemd zijn voor de veldslagen van den aanstaanden zomer, moet zeventien jaar zijn.

Bron: Nieuwe Rotterdamsche Courant, 2 oktober 1916

Bekijk de volledige krant op www.delpher.nl

overzicht: