1915, week 32 In de loopgraven van Gallipoli

Hoewel er in de Nederlandse kranten veel aandacht was voor de ontwikkelingen aan het Westfront en in onze buurlanden, werden de lezers uiteraard ook op de hoogte gehouden van het (oorlogs)nieuws uit de rest van de wereld. Zoals bijvoorbeeld het nieuws van het loopgravenfront op Gallipoli. En daar vlogen - naast kogels en granaten - ook noten en tabak over en weer tussen de Australiërs en de Turken. Helaas ontaardde deze vriendelijkheden in een granatenregen…

Dat het bij den loopgraven-oorlog op Gallipoli somtijds ook gemoedelijk kan toe gaan, blijkt uit een correspondentie van een bijzonderen Reuter-correspondent, waarin deze o.m. het volgende vertelt: Het was een heerlijke avond. Langzaam verdween de zon, een groote, vuurroode bol, achter het eiland Imbros. Onze mannen in de voorste loopgraven lagen zoo rustig, alsof er honderd kilometer in den omtrek geen vijand te vinden was. Allen genoten van den wonderschoonen avond en de weldadige stilte, die door geen enkel geweerschot verbroken werd.

Plotseling werd onze zoete rust verstoord door een wilde kreet en op hetzelfde oogenblik vloog een groote zak in onzen loopgraaf. Instinctmatig grepen de mannen naar hun geweren, doch er gebeurde verder niets. Met eenig wantrouwen keken wij naar de zak, die ons inziens niet veel goeds kon bevatten, tot een der mannetjes zonder omslag haar open maakte en het bleek, dat zij heerlijke noten bevatten. Deze vriendelijkheid der Turken, die zich op een korten afstand van ons af eveneens in een loopgraaf bevonden, beantwoorden wij door hen eenige zakjes tabak toe te werpen, doch daarmede schenen de heeren niet zeer ingenomen te zijn, dat maakten wij tenminste uit hun afschuwelijk geschreeuw op. Nu is een Australiër erg veranderlijk en onze dankbaarheid voor de lekkere noten maakte weldra plaats voor verontwaardiging over het feit, dat de Turken ons geschenk versmaadden. ‘Misschien hebben zij meer trek in een paar handgranaatjes’, meende een der onzen en wij allen waren zoo eendrachtig dezelfde opinie toegedaan, dat weldra een regen van granaten op de Turksche loopgraaf neerdaalde. Zoo nam het zoo gemoedelijk begonnen incident nog een tragisch karakter aan, want een granaat in de hand van een Australiër is een doodelijk wapen.

Niet altijd worden de granaten echter gebruikt om onze tegenstanders uit den weg te ruimen. Wij gebruiken ze ook om er visch mede te vangen. Daarvoor nemen wij echter projectielen van eigen fabrikaat, waarbij leege jambusjes en blokken sigarettendoosjes goede diensten bewijzen. Zoo’n projectiel, in zee tot ontploffing gebracht, maakt somtijds onder de waterbewoners een twintig à dertig slachtoffers, die gebakken een heerlijken maaltijd opleveren.

Bron: De Telegraaf, 6 augustus 1915

Bekijk de volledige krant op www.delpher.nl.

overzicht: