1914, Week 19 "Deze Week In de Grote Oorlog"

De Nederlandse artillerie en de infrastructuur

In de Nieuwe Rotterdamsche Courant van 5 mei 1914 was onder het pseudoniem ‘Trema’ een ingezonden brief geplaatst over de deplorabele toestand van de Nederlandse artillerie. Werktuigbouwkundig Ingenieur A.L.H. Obreen geeft hierop een week later zijn visie. Niet de staat van het militaire materieel was volgens hem het probleem, maar de vaderlandse infrastructuur.

<--break-><span class=" title="" class="mceItem">

„Onze artillerie
Met veel belangstelling nam schrijver dezes kennis van een Ingezonden Stukje onder bovenstaande titel, in uw Avondblad D van Dinsdag 5 Mei jl. De onderteekenaar Trema klaagt daarin over den slechten toestand onzer Artillerie, welke in verval is, en waarvan het materieel niet meer berekend zou zijn voor haar taak. Wij nemen aan, dat hetgeen de klacht behelst, inderdaad waarheid is. Dan zij het toch vergund op te merken, dat het beste materieel der Artillerie ons hoegenaamd niets helpen zal, zoolang meest elementaire middelen ontbreken, om het te verplaatsen.

 

Wij hebben in de laatste vijf-en-twintig jaren in het hart des lands geen spoorwegen van eenig belang gebouwd, en na het Merwede-Kanaal zijn ten noorden der benedenrivieren de waterwegen eveneens blijven rusten. De Leidsche Rijn had reeds lang, als vaarweg van zelfde capaciteit als het Merwede-Kanaal, het hart van Holland in verbinding moeten brengen met Utrecht. De Leidsche Rijn zou vooral voor transport van materieel der artillerie van zeer groot nut kunnen zijn bij leger-mobilisatie.

 

Wat in geval van oorlog niet minder dringend noodzakelijk zou zijn, is een spoorweg van Rotterdam over Krimpen aan den IJssel, Schoonhoven, Vreeswijk, achter den Noorder Lekdijk naar Arnhem, om geschut te vervoeren langs de rivier, welke door vijanden zou kunnen worden overgetrokken. Desgelijks is het hoog noodzakelijk een spoorlijn te bouwen van Zutphen naar Hattum, langs den Westelijken oever van den Gelderschen IJsel. Een spoorweg van den Hoek van Holland naar ’s-Gravenhage en verder naar Alphen, Nieuwe-Sluis en Hilversum zou eveneens de weerbaarheid van ons vaderland aanzienlijk verbeteren.

 

Al hadden wij het beste materieel ter wereld, maar kunnen wij het niet snel vervoeren naar de plaatsen waar het noodig is, dan helpt het ons niemendal en in dien afschuwelijken toestand zijn wij thans geraakt.
(…)

A.L.H. Obreen W.I.”

Bron: Nieuwe Rotterdamsche Courant, 12 mei 1914

Bekijk de volledige editie van deze krant op www.delpher.nl

overzicht: